Economie

Het is nu 10 jaar sinds de crisis van 2008 de hele wereld op haar grondvesten deed schudden. Het vertrouwen en optimisme van de voorgaande jaren, inclusief het idee dat er praktisch oneindige groei zou plaatsvinden onder een mondiaal kapitalistisch systeem, maakte snel plaats voor pessimisme en onzekerheid.

Ter gelegenheid van de 200e verjaardag van Karl Marx is zijn werk uitgebreid herdacht en besproken, zowel in de media als binnen de arbeidersbeweging. Marx’ denken omspant vele disciplines, maar zijn voornaamste bijdragen hebben betrekking op de geschiedswetenschap (de theorie van het historisch materialisme), de wijsbegeerte (de theorie van het dialectisch materialisme) en de economische wetenschap (de theorie van de meerwaarde en de analyse van het kapitalisme). Dit artikel evalueert het economisch denken van Marx en bespreekt de uitdagingen voor de marxistische economie vandaag.

Vandaag zien we op talrijke gebieden, gaande van automatisering over groene energie tot informatietechnologie een bevestiging van Marx ’s bewering: dat de maatschappelijke productieve krachten in een zeker stadium in conflict komen met de manier waarop de maatschappij georganiseerd is. Deze impasse wordt door hedendaagse economen de 'economische singulariteit' genoemd, en toont duidelijk aan dat het systeem niet langer werkt.

Een kapitalistische crisis is zoals een roetsjbaan. Een plotse en diepe duik, wordt gevolgd door een opwaartse rit, die dan opnieuw iedereen verrast met een steile val. De crisis, ingezet in 2008, vertoont hetzelfde patroon. De bruuske groeionderbreking van het bbp zette een duidelijke dalende trend in. Alle belangrijke indicatoren gingen in het rood. Maar een economische neergang duurt niet eeuwig. Na verschillende jaren volgt een nieuwe opgang; productie en handel veren weer op en als gevolg daarvan daalt de werkloosheid.

Uit onderzoek van hulporganisatie Oxfam Novib blijkt dat er nog maar 62 extreem rijke mensen nodig zijn om evenveel vermogen te hebben als de armste helft van de wereldbevolking: 1.760 miljard dollar. Dat zijn dus 62 mensen die evenveel geld hebben als 3,5 miljard mensen bij elkaar opgeteld. Daar waren in 2010 nog 388 rijke mensen voor nodig.