Spanje

Om de huidige crisis in Spanje en Catalonië te begrijpen, moeten we even onze Belgische/Vlaamse bril afzetten. Er worden te gemakkelijk oppervlakkige vergelijkingen gemaakt met het Vlaanderen van de N-VA en het Vlaams Belang waardoor een rechtse en ondemocratische inhoud wordt gegeven aan de beweging in Catalonië. Op die manier laten we de kwestie van Catalonië in rechtse handen en blijft de N-VA aan zet.

Het leek erop dat alles op voorhand afgesproken was. De Catalaanse president, Carles Puigdemont, zou naar het Catalaans Parlement komen en daar de onafhankelijke republiek afkondigen, waartoe hij door de uitslag van het referendum van 1 oktober verplicht was.

Op 26 juni mochten de Spanjaarden de stembus bezoeken in een stemming van polarisatie en hoge verwachtingen. Deze verkiezingen volgden maanden op van politieke patstelling, waarin geen partij in staat was om een regering te vormen. De peilingen voorspelden dat de radicaal linkse coalitie Unidos Podemos (UP) het goed zou doen, tweede zou worden, en dat de establishmentpartijen een zware dreun zouden krijgen.

De brutale politierepressie slaagde er niet in het Catalaanse referendum te verhinderen: honderdduizenden maakten vastbesloten komaf met alles wat hen verhinderde om te gaan stemmen. Waar we gisteren in Catalonië getuige van waren was aan de ene kant het afschrikwekkende gelaat van het Spaanse regime, de zgn. “overgang” aan het einde van het Franco tijdperk, en aan de andere kant de massa mobilisatie en zelforganisatie van het Catalaanse volk om gebruik te maken van hun recht op zelfbeschikking.

In Spanje is er een nieuwe ontwikkeling in de politieke situatie.