Interview met Mohamed Daouani, permanent syndicaal afgevaardigde (SETCA)

BR7 4800 640x426AH: AXA België kondigde op 5 september 2016 een collectief ontslag van 650 personeelsleden aan. We zijn nu drie-en-half maand later. Wat is de stand van zaken?

M: Na de aankondiging sleepten de discussies en de onderhandelingen lang aan. Dat komt omdat de werkgever naast de 650 ontslagen, eiste dat de overgebleven personeelsleden akkoord zouden gaan met een gemiddelde looninlevering van 20 procent. We zijn aan een partij Grieks-Romeins worstelen begonnen. Gedurende drie maanden hebben we ons verzet en hebben we geëist om de twee dossiers op te splitsen.

Door beide problemen gezamenlijk te behandelen werden we kwetsbaar. Het stelde de werkgever in staat ons te chanteren: of we stemden in met de looninlevering van 20 procent zodat iedereen die ontslagen werd op vrijwillig brugpensioen zou kunnen gaan - of we weigerden en dan zouden het naakte ontslagen worden.

AH: Wat is er tijdens de 'gevarenweek' van 12 tot 18 december gebeurd?

M: De leden van de syndicale delegaties zijn op 13 december samengekomen voor een vergadering van de laatste kans. De directie heeft nieuwe voorstellen ivm de looninlevering op tafel gelegd. Het ging niet meer om 20 procent, maar 10 procent. We hebben opnieuw geweigerd! De directeur is toen furieus en met slaande deuren opgestapt terwijl hij ons toeriep: «Jullie hebben niet genoeg inspanningen gedaan! Jullie gaan een groot probleem hebben!»

We hebben onmiddellijk de pers ingelicht dat AXA de onderhandelingen geen kans gaf. De volgende ochtend zijn we met onze syndicale delegatie samengekomen en daarna in gemeenschappelijk vakbondsfront. We hebben gezamenlijk de beslissing genomen om het personeel te mobiliseren, om hen in te lichten over de situatie. We bevonden ons in een gevaarlijke situatie: we naderden de deadline van 31 december. Op die dag moesten de dossiers binnen zijn. Zo niet zouden de ontslagen werknemers geen recht meer hebben op brugpensioen vanaf 55 jaar. Vanaf de 1ste januari 2017 is die leeftijd immers verhoogd tot 57.

Die tijdsdruk was een groot probleem! Veel minder werknemers zouden in die leeftijdscategorie vallen. Dat zou betekenen dat er geen 400 collega's op brugpensioen zouden kunnen gaan en zouden er naakte ontslagen vallen.

Op donderdag hebben we dan een mail gestuurd om het personeel te mobiliseren voor een werkonderbreking. Tegen 9u30 zijn we de werkplaatsen rondgegaan om de collega's op te roepen de volgende ochtend samen te komen in de grote inkomhal. Hetzelfde werd gedaan in alle werkplaatsen, over heel België. Bijna het voltallige personeel is gekomen. Er werden speeches gehouden en we werden luid aangemoedigd. We voelden aan dat de werknemers solidair waren. We hebben uitgelegd dat het onaanvaardbaar was dat de werkgever de onderhandelingen had stopgezet. Ik heb, wat mij betreft, de eenheid van de syndicale organisaties en het het belang van de mobilisatie beklemtoond.

Het was een succes op alle werkplaatsen! Die dag hebben we een sterk signaal naar de werkgever gestuurd! De mobilisatie verzwakte niet ze werd sterker!

In de namiddag contacteerde de directie de federale vakbondssecretarissen voor een meeting. De delegees spraken af voor de ingang van de vergaderzaal en wachtten er de CEO op. Na het einde van de vergadering zijn we de zaal binnengegaan en hebben onze secretarissen gezegd: «Het is in orde! » Ze zouden de dossiers opsplitsen. Het was een grote overwinning! In de daaropvolgende minuten, hebben we een mail gestuurd naar alle collega's met het nieuws en om hen te bedanken voor hun mobilisatie en steun.

Daarna moesten we nog onderhandelen over de vertrekmodaliteiten. Ook daar hebben we na twee vergaderingen onze eisen behaald. De bruggepensioneerden zouden 90 procent van hun loon behouden!

AH: Hoe verklaar je de massale mobilisatie van het personeel?

M: Eerst en vooral: alle personeelsleden waren betrokken. Niet alleen diegenen die werden ontslagen, maar ook de anderen omwille van de looninlevering. Ten tweede: we handelden in een gemeenschappelijk front. Daarna is er veel werk verzet om te mobiliseren en alle afgevaardigden hebben daar hun rol in gespeeld. Een gemeenschappelijk front volstaat niet! We moesten ook een strategie ontwikkelen. Veel afgevaardigden zijn, oog in oog met de werkgever, zich niet bewust van het belang daarvan. Maar je kan er op rekenen dat de werkgever wél is voorbereid!  Hij heeft een communicatiestrategie klaar, weet waar druk te zetten, wat te geven en te nemen... De strategie is eigenlijk belangrijker dan de onderhandelingen zelf. Het is bijvoorbeeld belangrijk om terug te koppelen na een vergadering om druk op de directie te zetten. Als er geen communicatie is, kan de werkgever verder druk blijven zetten zonder enige weerstand te ondervinden.

Het management heeft ook zware communicatieblunders begaan! Ze hebben een mail gestuurd naar al het «lage personeel», zoals zij dat zeggen. Daarin spraken ze over de onderhandelingen en dat ze de kosten wilden minderen. Ze hebben er een lijst bijgevoegd van alles wat van de werknemers afgepakt zou worden! De directeur heeft dus zelf de lont aan het vuur gestoken! We moesten maar een oproep doen en het personeel heeft het werk neergelegd.

AH: Conclusie?

M: We hebben bewezen dat massale mobilisatie en solidariteit lonen. Ze hebben het mogelijk gemaakt een krachtsverhouding op te bouwen. Zo heeft de werkgever het dossier moeten opsplitsen. Dat is een eerste overwinning. Maar we moeten waakzaam blijven en de mobilisatie behouden. De strijd begint nog maar pas

Interview: Annick Hébrant, 12/01/2017

Tijdschrift Vonk

Vonk 292

Onze boeken

Onze boeken