Op 18 oktober zagen we in Karachi de grootste mobilisatie in de afgelopen 25 jaar. Volgens de politie namen er meer dan één miljoen mensen deel aan de manifestaties. Volgens de leiding van de Pakistan People's Party (PPP) waren het er meer dan drie miljoen.

Deze enorme bijeenkomst komt er na twee decennia die gedomineerd werden door reactie en weinig beweging in de klassenstrijd. De val van de Berlijnse Muur, de ineenstorting van de Sovjet-Unie, enorme desillusies in de ‘democratie' en in de traditionele politieke en syndicale leiding die naar rechts opschoven, zorgden voor apathie en scepticisme onder de massa's in Pakistan. Dit zorgde voor een terugval in het politieke bewustzijn. Er was weinig zin om tot actie over te gaan.

Op het eerste zicht waren al die mensen ook alleen maar bijeengekomen om Benazir Bhutto, de voorzitster van de PPP, te verwelkomen bij haar terugkeer na een zelf opgelegde ballingschap van acht jaar. Er zat echter veel meer achter dit enorme onthaal dan wat de burgerlijke media ervan maakten. De mensen konden hun leidster immers veel beter volgen op de televisie en toch kozen velen ervoor om duizenden kilometers te reizen in moeilijke omstandigheden. Duizenden bussen en andere voertuigen waren van ver gekomen, zelfs vanuit Kasjmir en Pustoonkhwa. Iedereen wilde er bij zijn, wilde deel uitmaken van een beweging waarin ze hun ongenoegen konden uiten. Al die mensen wilden laten zien dat ze willen vechten tegen een systeem en een samenleving die hun leven bepaalt.

Hun platform, het middel waarlangs de massa's zich uitdrukten, was opnieuw de Pakistan People's Party. Benazir zag zich ook genoodzaakt om terug te vallen op de oude slogan ‘Roti, Kapra en Makan' (eten, kledij en huisvesting) om de massa's te mobiliseren, zodat ze voldoende sterk zou staan om te onderhandelen met het staatsapparaat en het Amerikaanse imperialisme. Eens ze in het speciale voertuig stapte om de massa vooraf te gaan, was ze overweldigd. Nadat ze over de enorme massa van mensen uitzag, mompelde ze hoe ‘ongelooflijk' dit is.

Reeds in 1998 stelde Alan Woods, toen hij een grote bijeenkomst van arbeiders in Karachi toesprak, dat Benazir bij haar terugkomst zou verwelkomd worden door miljoenen, ondanks haar beleid en haar uitspraken. Deze massale opkomst voor de PPP is vooral een uitdrukking van de universele wetmatigheid uitgewerkt door Ted Grant over massabewegingen en hun oriëntatie naar politieke en historische tradities.

Benazir schuift met haar economisch beleid immers al jaren op naar rechts. Ze wil vriendjes worden met het Amerikaanse imperialisme en probeert de Pakistaanse heersende klassen ervan te overtuigen dat ze het kapitalisme zal vrijwaren. Zelfs voor haar terugkeer was ze al aan het onderhandelen met het regime van Musharraf, wat haar politieke geloofwaardigheid serieus ondermijnt.

Benazir is tweemaal aan de macht geweest in 1986 en in 1993 en heeft de massa's verraden door zich loyaal te tonen tegenover de bestaande orde. Net zoals de meeste heersers binnen dit systeem, verzinkt ook zij in corruptie en omkoperij. In tegenstelling tot de overtuiging van de media en de intelligentsia, is haar populariteit echter niet gebaseerd op haar staatsmanschap, haar politieke onverzettelijkheid of haar onderhandelingsvaardigheden maar wel op de erfenis van de PPP die ontstaan is in de revolutie van 1968-69.

Tijdens die revolutie hebben de arbeiders, de arme boeren en de jeugd de samenleving en de economie overgenomen. Van 6 november 1968 tot 29 maart 1969 was er een situatie van dubbele macht in Pakistan. Indien er toen een bolsjewistische partij was geweest die deze beweging leidde, kon men zeker de macht hebben overgenomen op verschillende momenten. De arbeiders hadden de fabrieken bezet. De jeugd en de studenten hadden controle over de universiteiten overgenomen. Zij weigerden om te betalen op bussen en treinen. Arme boeren bezetten overal landgoederen. Het grootste gedeelte van de pro-Moskou- en pro-Peking-linkerzijde riep echter op voor een democratische fase en steunde de beweging niet tegen de militaire dictatuur van Ayub Khan, omdat hij bevriend was met de Chinese bureaucratie.

Zulfiqar Ali Bhutto, de vader van Benazir, erkende het socialistisch karakter van de beweging en riep op voor een socialistische hervorming van de samenleving. Dit sloot aan bij de strijd en het bewustzijn van de massa's en de PPP werd de grootste partij in de Pakistaanse geschiedenis. Maar zelfs met een vrij duidelijk socialistisch programma en socialistische slogans was de beweging van 1968-69 nooit in staat om een revolutionaire overwinning te bereiken. Dit was vooral door het ontbreken van een subjectieve factor, een bolsjewistische partij. Bhutto voerde enkele radicale hervormingen door in de landbouw, de gezondheidszorg, het onderwijs en in andere sectoren. Hij nationaliseerde grote delen van de banksector en de industrie maar het kapitalistische systeem werd nooit volledig omver geworpen. Meer nog, Bhutto werd later opgehangen door de Zia-dictatuur. Dat was het onvermijdelijke gevolg van de revolutie die slechts half was doorgevoerd. De erfenis van deze gebeurtenissen duurt verder en is nog steeds de belangrijkste reden voor de steun die de PPP kent, ondanks de compromissen van Benazir.

Dit had allemaal een duidelijke weerklank op 18 oktober. De belangrijkste slogan op deze manifestatie was ‘Bhutto, je leeft nog altijd'. Als het al niet bewust is, dan blijft de PPP onbewust een element van verandering. Daarom nemen de massa's terug de politieke strijd op waarmee de PPP verweven is. Dat verklaart ook waarom grote delen van het staatsapparaat zoveel schrik hebben van de massale steun voor de PPP. Daarom durven zij het niet aan om Benazir haar gang te laten gaan, zelfs wanneer zij verzekert dat ze het kapitalistische systeem zal vrijwaren.

Wie controleert Benazir?

De heersende klasse zal Benazir alleen toelaten tot de macht als de dreiging van een massabeweging is afgewend. Nadat zij haar gebruikt hebben om de beweging te verwarren, zullen ze haar terug laten vallen. De staat bevindt zich in een ernstige crisis en de interne tegenstellingen zijn voor iedereen zichtbaar. Daardoor is het moeilijker om een politiek regime samen te stellen dat gebaseerd is op klassentegenstellingen. Dit werd duidelijk door de twee bomaanslagen op Benazirs karavaan, waarbij 139 mensen omkwamen en 500 verwond werden.

Het islamfundamentalisme is grotendeels een fenomeen dat gesponsord wordt door de staat. Het voedt zich vooral op de enorme brutaliteit van het Amerikaanse imperialisme in zijn oorlog tegen de terreur. De opkomst van dat fundamentalisme is vooral te wijten aan de ineenstorting van de linkerzijde en de weigering, vooral van de leiding van de PPP, om in te gaan tegen de imperialistische agressie. Nochtans speelde het Amerikaanse imperialisme een belangrijke rol in de moord op Zulfiqar Ali Bhutto door generaal Zia ul Haq in april 1979.

De terroristische aanslag op de manifestatie kon vrij effectief de impact van de massabeweging minimaliseren. De media en de intellectuelen verliezen zich in allerlei speculaties over de aanslagen. Het toont vooral de ruzies in het staatsapparaat en het ratelen van zijn structuren. Of deze aanslagen nu uitgevoerd zijn door het staatsapparaat of door zijn monsters, ze zullen er niet helemaal in slagen om de beweging in te dijken. De leiding van de PPP probeert nu om de woede van massa's over de aanslagen te kanaliseren, maar die woede zal wel een uitdrukking krijgen in het electorale proces. Er daagt een revolutionaire storm op aan de horizon.

De islamfundamentalisten hebben de laatste jaren verschillende keren opgeroepen voor een ‘Mars van Miljoenen' tegen de VS. Zij slaagden er zelfs nog niet in om 5 procent van dat aantal bijeen te krijgen. Nu dreigt het verbond tussen de fundamentalisten zelfs te breken. Ook dat is een uitdrukking van de tegenstellingen binnen de staat. Dit zal hun dweperij en hun fanatisme alleen maar versterken, wat aanleiding zal zijn voor meer instabiliteit en onrust. Die tegenstellingen vormen de essentie van het kapitalisme en zij kunnen niet gecontroleerd worden door de staat.

We zagen hetzelfde toen Nawaz Sharif, de voormalige Eerste Minister en een zeer rijke businesstycoon, terugkeerde naar Pakistan op 10 september. Hij werd slechts ontvangen door een vijfduizend mensen en dat ondanks de enorme mediahype waarbij gigantische sommen geld werden gepompt in propaganda om zijn populariteit in de hand te werken. Nawaz Sharif zou politiek al lang vergeten zijn, indien Benazir niet had geprobeerd hem als partner voor democratie te lanceren. Benazirs belangrijkste doelstelling hierbij was om een alliantie met de rechterzijde aan te gaan om sterker te staan tegen een linkse radicalisering binnen de PPP tegen haar beleid. De mediahype over Sharif was alleen maar mogelijk door enorme hoeveelheden geld in die campagne te pompen. Sharif heeft vooral een sociale basis onder winkeliers, kleine ondernemers en delen van de stedelijke kleinburgerij. Deze lagen van de samenleving zijn historisch en sociaal niet in staat om op zichzelf strijd te voeren tegen de dictatuur. Bovendien was Sharif zelf het product en de erfgenaam van de ergste militaire dictatuur in de geschiedenis van Pakistan.

De media en de radicale kleinburgerij roepen nu dat Benazir alleen maar zoveel volk bijeen kon krijgen door een deal met Musharraf te sluiten. Dat is een belediging voor al diegenen die zoveel moeite hebben gedaan om in Karachi te geraken op die bewuste dag. De staat zal ongetwijfeld niet veel gedaan hebben om de massa's weg te houden. Bovendien zullen vele kleinburgerlijke leiders van de PPP veel geld geïnvesteerd hebben om hun aanhangers in Karachi te krijgen om zo hun loyaliteit te bewijzen. Maar er is nog veel meer geld geïnvesteerd om volk te krijgen op de bijeenkomsten van Musharraf, de Muslim League en de MMA, terwijl de opkomst daar nog niet in de buurt kwam van de massa die begroette Benazir.

Er was ook weinig weerstand vanuit het staatsapparaat ten aanzien van de PPP-manifestatie omdat de staat verdeeld is over deze zaak. Zij hadden schrik dat als ze de manifestatie zouden verbieden, er een volksexplosie zou volgen die nog moeilijker te controleren zou zijn. Geen enkel obstakel kan immers een massa van miljoenen tegenhouden.

De VS hebben de coalitie tussen Musharraf en Benazir niet alleen in de hand gewerkt om de positie van Musharraf in de oorlog tegen de Taliban te versterken. De belangrijkste reden waarom de strategen van het imperialisme deze coalitie willen, is hun schrik voor een beweging tegen privatiseringen en andere aanvallen op het Pakistaanse proletariaat. Verscholen achter het stof van de bomaanslagen, probeert het huidige regime om massaal ontslagen door te voeren en de agenda van het IMF uit te voeren. Alleen al in de telecommunicatiesector wil de regering 29.000 arbeiders ontslaan om privatiseringen door te voeren. Er staan gelijkaardige plannen klaar om tot ontslagen over te gaan in andere belangrijke sectoren van de economie. Het plan is dan om Benazir mee aan de macht te brengen zodat zij deze misdaden kan verkopen aan de arbeidersklasse. Dat zal echter niet makkelijk zijn. Dit is niet 1988 of 1993. De bomaanslagen tonen hoe sterk het staatsapparaat en de maatschappij zijn gedesintegreerd sinds zij voor het laatst regeerde.

De massa's die bijeenkwamen in Karachi willen dat in ieder geval niet. Zij zullen Benazir in de regering stemmen omdat zij momenteel geen ander alternatief hebben. Zij verdroegen honderden gewonden, wachtten meer dan 30 uren op haar aankomst, wandelden kilometers om er te raken en wachten zonder voedsel, water en slaap. Voor wat? Zeker niet voor privatiseringen, dereguleringen, herstructureringen, prijsstijgingen, werkloosheid en armoede. De onderdrukten waren niet bijeengekomen om de corruptie, de liberale democratie of het kapitalistisch beleid te ondersteunen.

Benazir heeft, toch mondeling, de aanvankelijke principes van de PPP gewijzigd van ‘socialisme is onze economie' naar ‘mohammedaans (islamitische) egalitarisme'. Dit zal echter niet werken op de lange termijn. Je kan niet voor voeding, kledij en huisvesting (Roti, kapra aur Makan) zorgen via een zogezegde ‘trickle down', waarbij de groeiende rijkdom van de rijken de armen uit hun armoede haalt. Op basis van een kapitalistisch beleid zal zij niet lang aan de macht zijn. Enerzijds versterkt de crisis van het Pakistaanse kapitalisme de religieuze dweperij en terreur. De economie ligt op haar gat met de hoogste tekorten in de geschiedenis. Alle sociale indicatoren zijn bij de slechtste in de wereld. De prijs van olie is hoog en de crisis van het kapitalistische wereldeconomie zal verwoestende effecten hebben op het zinkende Pakistaanse kapitalisme.

De staat is verdeeld door interne conflicten en de samenleving verkeert in een diepe malaise. De voortzetting van het huidige beleid zal de tegenstellingen alleen maar doen toenemen. Nog meer bloed, chaos en anarchie kan tot een verschrikkelijke nachtmerrie leiden. We zien vandaag al dergelijke elementen de kop opsteken in het grensgebied tussen Pakistan en Afghanistan.

Het andere gezicht van Pakistan

De manifestaties van 18 oktober toonden ook het andere gezicht van Pakistan. Op 10 april 1986 werd Benazir op een zelfde manier begroet door miljoenen mensen. Op 11 april verklaarde zij dat als ze de vorige dag de macht had willen nemen, ze dat had kunnen doen. En zij was correct. Zij weigerde echter om de weg van de revolutie te bewandelen. Zij kwam wel aan de macht maar dan op basis van een compromis met het establishment. Zij negeerde de hoop van de massa's en probeerde het status quo te behouden. De beweging ebde weg en zij werd zelf omver geworpen.

In 1993 kwam Benazir terug aan de macht op basis van een enorme massabeweging. Opnieuw schoof zij echter op naar rechts. Zal zij deze keer hetzelfde doen? Zal dit zich voor altijd als een vicieuze cirkel herhalen? Wij denken van niet. De miserie en de armoede is te groot. De levensomstandigheden zijn ontoelaatbaar. De massa's komen uit een lange periode van reactie en onderdrukking. Het heeft enorme inspanningen gevraagd van de massa's om opnieuw op de voorgrond te treden. Miljoenen mensen die zich verzamelen in een massabeweging verkrijgen zelfvertrouwen en een gevoel van collectieve kracht. Als Benazir dezelfde weg bewandelt als vroeger, dan zal haar tegenstand niet van de rechterzijde of vanuit de staat komen. De sterkste oppositie zal van diezelfde massa komen die haar nu verwelkomt met enorme hoop.

Geen enkele reactionaire kracht is ooit in staat geweest om zoveel mensen te mobiliseren in Pakistan. De verdrukten komen op straat voor verandering. Zij bewandelen de weg die al meer dan drie generaties deel uitmaakt van hun politieke traditie. Als die weg tot niets leidt, dan zullen ze de volgende keer niet meer naar de luchthaven van Karachi optrekken maar wel hun bedrijven bezetten, de controle overnemen over de spoorwegen, de telecommunicatie en de elektriciteitsnetwerken, ze zullen landerijen bezetten en de sleutelsectoren van de economie overnemen, en dat op een veel grotere schaal dan hun voorouders hebben gedaan tijdens de revolutie van 1968-69.

De deal tussen Musharraf en Benazir is nog altijd niet helemaal duidelijk. Zelfs als ze braaf de koers van Washington volgen, zijn er vele obstakels op die weg. Hun verbond kan door de minste gebeurtenis uit elkaar vallen, of het nu over activisme van advocaten gaat of over terroristische aanslagen. Zelfs wanneer hun alliantie blijft duren tot aan de verkiezingen en de vorm aanneemt van een nieuw regime, dan is het weinig waarschijnlijk dat het lang zal duren. De beweging van de massa's zal hun verbond uiteen blazen. Er is te veel onzekerheid in de economie en binnen de samenleving om dit verbond, dat door de VS is opgezet, een lang leven te geven.

De Pakistaanse arbeidersklasse zal haar toekomst in eigen handen nemen en de samenleving veranderen. De marxisten binnen de PPP zijn opnieuw bevestigd in hun strategie en perspectieven door de gebeurtenissen van 18 oktober, en dat na 21 lange jaren. Die bevestiging brengt de revolutionaire uitdagingen terug dichter en duidelijker bij hen. De uitdagingen van de geschiedenis stellen zich vandaag misschien nog concreter dan ooit tevoren. De massale mobilisatie in Karachi drukt duidelijk uit wat de mensen willen: emancipatie van uitbuiting, eentonig werk, miserie, ziekte en slavernij. Een revolutionair socialistisch alternatief is aangebracht door de marxisten. Door de gebeurtenissen van de komende weken en via de ervaringen die de massa's zullen opdoen, zullen velen van hen op de weg van de revolutie terecht komen. De taak van de marxisten is om ervoor te zorgen dat die verdrukten de socialistische overwinning bereiken. Liever vroeger dan later.

Volg meer analyses op www.marxist.com/pakistan.htmwww.marxist.com/pakistan.htm

Tijdschrift Vonk

Afbeelding kan het volgende bevatten: 2 mensen, lachende mensen, tekst

Activiteiten

Onze boeken

Onze boeken