Voor de tweede keer in nog geen twee jaar tijd gleed België naar een regimecrisis. "We voelden ons aan de rand van de afgrond", aldus Louis Tobback in een interview met Le Soir van 29/4/98. Met het onmiddellijke ontslag van Johan Van de Lanotte en Stefaan De Clerck, enkele dagen later gevolgd door het aftreden van De Ridder als hoofdcommandant van de rijkswacht, is de regering er tijdelijk in geslaagd de wind uit de zeilen van de oppositie te halen en een nieuwe volkswoede in de kiem te smoren.

Maar alle factoren waren opnieuw bijeen om België in een nieuwe diepe sociale en politieke crisis te storten. Indien Dutroux erin geslaagd was geweest de grens over te steken, had de regering er gelegen, hierover zijn zowat alle commentatoren het eens. "België zou in een politieke crisis zijn terechtgekomen waarvan de gevolgen onvoorspelbaar zouden zijn. Nu heeft ons bestel enkel een nieuwe, ernstige waarschuwing gekregen. De vergissing van een gangster bepaalt mede de gang van zaken in dit land." Aldus André Leysen in De Standaard van 27/4.

Net als bij het spaghetti-arrest drukte de noodzaak zich ook deze keer weer uit door een toeval. Het ongelooflijke geklungel waarbij Dutroux (en ook zijn vrouw Martin blijkt nu) bewaakt werd toont inderdaad incompetentie aan, maar op de keeper beschouwd staat de tijdelijke ontsnapping van Belgiës meest beruchte gangster niet in verhouding met de politieke consequenties die eruit voortvloeien. De politieke draagwijdte van de ontsnappingspoging van Dutroux zet opnieuw de uiterst fragiele sociale en politieke situatie van België in de verf.

De perikelen van de afgelopen dagen illustreren tussen haakjes de correctheid van het voorpagina-artikel. Het faciliteitendossier werd onder de mat geveegd. Niet belangrijk meer. Het scenario van vervroegde verkiezingen na het toelatingsexamen voor de Euro en het afleiden van de publieke opinie naar communautaire ruzies werden door de nieuwe Dutroux-crisis haastig terug opgeborgen. De vuist van Verwilghen veranderde op een paar dagen tijd terug in een uitgestoken hand en drie oppositiepartijen (VLD, PRL en VU) reiken de regering de hand om gezamenlijk de politiediensten te hervormen. Waarom? Omdat niet alleen de regeringspartijen, maar ook de oppositie doodsbang is voor onmiddellijke verkiezingen en omdat er "hogere belangen", namelijk de stabiliteit van het regime en de geloofwaardigheid van de staatsinstellingen op het spel staan.

Nochtans was er van commotie op straat vrijwel niets te merken. De aangekondigde betoging voor het Brusselse Justitiepaleis, op initiatief van ID21 en Triangel lokten slechts een paar honderd man op straat. Dat betekent echter geenszins dat nieuwe massamobilisaties in de toekomst uitgesloten zijn. De witte comités bewezen twee maand geleden nog dat zelfs zonder nieuwe Dutroux-crisis ze enkele tienduizenden op straat konden brengen. Maar door de koppensnellerij van de afgelopen dagen, in gang gezet door de regering, hoopt men juist wind uit de zeilen te halen van de Witte Beweging door mogelijke mobilisatiepunten (ontslag De Ridder, Whatelet,...) op voorhand uit te schakelen.

De SP heeft met het ontslag van Van de Lanotte en de terugkeer van Tobback in het kabinet een belangrijke rol gespeeld in het bezweren van de crisis. Ook het aftreden van De Ridder, die een SP-stempel draagt, kan in dit kader gezien worden. En vandaag eisen de nieuwe SP-voorzitter Fred Erdman en SP-fractieleider Van Velthoven het ontslag van Whatelet, die destijds met verve door Tobback verdedigd werd. Politicoloog Luc Huyse gaat nog verder en vraagt dat alle verantwoordelijken van de laatste twintig jaar aftreden: Tindemans, Martens, Eyskens en de hele rataplan. Zij dragen immers de verantwoordelijkheid voor de uit de hand gelopen staatsfinanciën en de verwaarlozing van justitie. Maar ook al zullen velen opgelucht ademhalen indien alle verantwoordelijke ministers die ons het leven zuur hebben gemaakt in de laatste twintig jaar opstappen (vraag is wie nog overschiet), brengt dit ons geen stap verder. De hamvraag is: door wie moeten ze vervangen worden. Hetzelfde geldt voor de politiediensten en de justitie. Bijna twee jaar na de Witte Mars zit iedereen, maar dan ook iedereen, nog op zijn plaats. Nu is de roep voor koppensnellerij terug in een stroomversnelling geraakt, maar de vraag is: op welke manier moeten ambtenaren uit de verschillende gezagsdepartementen aangesteld worden. En hoe kunnen ze gesanctioneerd worden.

Er is ook een enorme paradox in de huidige situatie. Volgens opiniepeilingen zouden slechts 19% van de kiezers nog op de huidige regeringspartijen stemmen. Maar slechts een op drie Belgen wil dat de regering aftreedt. De helft beweert niet, ongeldig of blanco te zullen stemmen. Wat toont dit aan? Niet alleen dat het vertrouwen in de regering weg is, maar in het hele politieke bestel. Idem met de "instellingen": politiediensten en justitie. Nu moet je geen marxist zijn om hieruit af te leiden dat dit potentieel een revolutionaire situatie betekent. Wat echter ontbreekt is een subjectieve factor: er bestaat geen massaal revolutionair politiek alternatief dat een geloofwaardige uitweg kan bieden uit de huidige impasse. De enigen die garen spinnen uit deze patstelling is extreem-rechts en de 'antipolitieke' partijen.

De socialisten zitten nu tien jaar in de regering. In die periode hebben we de zwarte zondagen gekend, de opmars van het Vlaams Blok, de privatiseringen, de Witte Beweging en de verdere aftakeling van het vertrouwen van de bevolking in de burgerlijke instellingen. Onze leiders werpen heel hun gewicht in de schaal om een verziekt politiek systeem te redden. Maar het systeem is niet "te redden". Het systeem moet vervangen worden. We verwachten van onze leiders een sociaal-economisch project dat niet de belangen van de kapitalisten dient, maar van de werkende bevolking. Daarom moet er gebroken worden met deze regering en over de taalgrenszen heen getimmerd worden aan een socialistisch alternatief. En we verwachten dat de politie en rijkswacht instaat voor onze veiligheid en niet dat ze ons met de knuppel staat op te wachten bij een betoging, piket of... voetbalmatch. En we verwachten van de justitie... gerechtigheid. Maar dit is niet mogelijk in een klassenmaatschappij, waar rechters en hoge ambtenaren via hun opvoeding en sociaal milieu geselecteerd worden en "van nature" zorg dragen voor hun vrienden in hun milieu en zich geen zier aantrekken van de miserie van de gewone mensen. Daarom moeten ook deze instellingen fundamenteel gedemocratiseerd worden door de rechtstreekse verkiezing en het recht op terugroepen van rechters en hoge ambtenaren door burgercomités, samengesteld door vertegenwoordigers van de arbeidersbeweging, huisvrouwen en kleine zelfstandigen.

Tijdschrift Vonk

Onze boeken

Onze boeken