De regering Michel is gevallen. Na een ridicule poging om nog met een minderheidsregering verder te gaan onder de noemer Michel 2 is ook die na tien dagen gekapseisd. Op zich is dit zeer verwonderlijk. Bij haar aantreden werd deze regering beschreven als de meest homogene sedert jaren. Ze bestond uit enkel rechtse partijen, politiek op dezelfde lijn. Ze hadden vier jaar zonder verkiezingen en dus ruim de tijd om hun programma uit te voeren. Bovendien hadden ze het geluk in een periode van voorzichtige economische opgang te werken.

De enige kracht die deze regering kon tegenhouden, leek de arbeidersbeweging. In 2014 is ze daar ook dichtbij geweest door geslaagde algemene stakingen. Maar toen heeft de vakbondsleiding zich laten strikken in maandenlange onderhandelingen die niets opleverden, maar wel de lont uit het kruitvat haalden. Velen hadden toen gedacht: wij hebben verloren, de vakbondsleiding heeft ons weer eens laten stikken en deze regering zal kunnen doen wat ze wil. Natuurlijk, deze regering heeft veel asociale maatregelen getroffen. Maar toch was het een regering die van de ene crisis naar de andere is gesukkeld. Bij de eerste échte moeilijkheid - gemeenteraadsverkiezingen waarin zowel N-VA langs Vlaamse kant als MR langs Waalse achteruitgingen - is ze gevallen. De redenering van de rechterzijde is cynisch. De rijken worden met geschenken overladen; degenen met een gemiddeld loon laten ze steeds harder werken en af en toe geven ze een kruimeltje om de vakbonden te paaien en te voorkomen dat de koopkracht té veel achteruit gaat. Degenen onderaan de ladder, de werklozen, de zieken en de laagste lonen in niet gesyndikeerde bedrijven worden echt gepluimd, waardoor steeds meer mensen in armoede verzeilen. Die laatsten missen toch de organisatie om zich te verzetten, denken ze. De werkelijkheid is dat de klassenstrijd hoe dan ook gans de maatschappij doordringt, ook de regering. Dat is zo in heel Europa, maar de reacties kunnen verschillen. In Duitsland gaat Angela Merkel in mineur haar laatste ambtstermijn in, opgejaagd door racistisch extreemrechts. In Groot Brittannië had de Brexit-campagne ook sterke racistische accenten, maar is er het positief alternatief van Corbyn. Bij ons is het de N-VA die de weg van de racistische politiek is inslaan. Zij heeft de kiescampagne voor de verkiezingen in mei op een smerige manier ingezet en poogt vandaag blijkbaar het Vlaams Belang langs rechts in te halen. In Frankrijk zien we hoe het anders kan met de beweging van de Gele Hesjes. Demeest onderdrukte lagen, de tien percent of meer van de bevolking die er het hardst is op achteruitgegaan, komt in opstand. Precies die mensen - dikwijls jongeren - die men nietziet op betogingen van de vakbonden. Zij spreken revolutie en openlijk over een eisen het ontslag van president Macron. Natuurlijk is dit (nog) geen revolutie, maar toch zijn de Gele Hesjes al geslaagd waar de vakbonden gedurende maandenlange “brave” acties in gefaald hadden: Macron tot toegevingen dwingen. Deze president die nog maar anderhalf jaar geleden met een gigantische meerderheid werd verkozen, is ondertussen in de peilingen de minst populaire in de Franse geschiedenis. Wat een les voor de georganiseerde arbeidersbeweging, die ook in Frankrijk zoals in de rest van Europa in het defensief was. Dat is de weg vooruit! Gedaan met halfzachte acties! Wij kunnen het enkel winnen van de tegenstander in bedrijf en regering door hen te treffen waar het pijn doet: de boel platleggen. Ook in België is er een beweging van de Gele Hesjes, vooral langs Franstalige kant. Maar van dezelfde orde waren enkele militante stakingen, zoals die bij Lidl en bij Bpost, die opeens wél succes kenden. We leven in een tijdperk waar alleen revolutionaire actievormen kans op succes hebben. Niet alleen de actievormen zijn belangrijk, maar ook het programma. Het is een gevaarlijke illusie te denken dat de volgende verkiezingen kunnen gewonnen worden met een gematigd programma. Arbeiderspartijen zullen moeten tonen dat ze durven ingaan tegen de gevestigde machten. Dat is een boodschap waarvoor de leiding van de socialistische partijen aan beide kanten van de taalgrens stokdoof blijft. Deelnemen aan het (kapitalistisch) bestuur is en blijft voor hen het hoogst haalbare, zie de onnatuurlijke coalities die ze op plaatselijk vlak recent sloten met de N-VA in Vlaanderen en met MR in Wallonië. Daarom dat steeds meer linkse militanten zich op de PVDA/PTB richten, een partij die VONK ook steunde bij de vorige verkiezingen. Een revolutionair programma verdedigen is vandaag niet alleen mogelijk, maar onmisbaar. Zonder dat zijn we overgeleverd aan de driestheid van de rechterzijde en is zelfs het bekomen van bescheiden hervormingen onhaalbaar. Degenen in de maatschappij die het ergst getroffen zijn door dit rotte kapitalisme zullen ons de weg wijzen. Om het met de woorden van de Internationale te zeggen: Ontwaak, verworpenen der aarde!

Tijdschrift Vonk

Vonk 292

Activiteiten

Onze boeken

Onze boeken