Op 14 mei 1948 riep David Ben-Gurion, de leider van de Joodse gemeenschap in Palestina, de onafhankelijkheid van de staat Israël uit. Kort nadien ontaardden de voortdurende gevechten tussen Joodse en Palestijnse milities tot een oorlog op grote schaal. In die oorlog, die leidde tot meer dan een miljoen vluchtelingen, werden ook de buurlanden Egypte, Transjordanië, Syrië, Libanon en Irak betrokken. Er is onenigheid over de cijfers, maar men schat dat meer dan 700.000 Palestijnen vluchtten en/of uit hun huizen werden verdreven door het zich ontwikkelende Israëlische leger en de Joodse milities. Even tragisch vluchtten 600.000 Joden uit de Arabische landen of werden ze uit hun huizen verdreven. Velen vonden een woonplaats in de nieuwe staat Israël.

Zestig jaar later blijven de problemen even groot of groter in deze vertroebelde regio. Bovendien hebben deze problemen gevolgen voor de rest van de wereld. De Palestijnse vluchtelingen en hun afstammelingen, waarvan het aantal vandaag geraamd wordt op 3 à 4 miljoen, leven nog steeds in vervuilde vluchtelingenkampen. Dikwijls ondervinden ze de dagelijkse pesterijen en terreur van het Israëlische leger. Aan de andere kant heeft de stichting van de staat Israël geen enkele oplossing geboden voor zijn oorspronkelijke doelstellingen: de oplossing van de ‘Joodse kwestie' en de bevrijding van de Joden van het antisemitisme. De burgers van Israël hebben verschillende oorlogen meegemaakt en leven onder de constante terreurdreiging; een onderstroom van antisemitisme leeft vandaag zelfs in het westen (zij het op een laag niveau).

Vanwaar kwam de beweging die leidde tot de stichting van de staat Israël? Welke rol speelden het imperialisme en de Sovjetunie daarbij? En wat houdt de toekomst in petto voor de Joodse en Palestijnse volkeren?

De historische wortels van het zionisme

De term zionisme verwijst naar de nationalistische beweging die tot doel had een Joods thuisland te stichten in Palestina. De oorsprong van het zionisme wordt toegeschreven aan Theodor Herzl, een welgestelde Austro-Hongaarse journalist die het idee naar voren bracht op het eerste zionistische wereldcongres in 1897 in het Zwitserse Bazel. De eerste praktische toepassingen van het zionisme bestonden er meestal in dat rijke Joden landerijen opkochten van Arabische landheren. Die landheren woonden doorgaans niet zelf op die landerijen, maar wel Palestijnse pachters die er doorgaans werden uitgezet. Vervolgens werden die landerijen geschonken aan Joodse kolonisten die er collectieve boerderijen bouwden.

Het zionisme was Herzels antwoord op het eeuwenoude ‘Joodse probleem': het Joodse volk redden van het antisemitisme en het op gelijke voet stellen met andere volkeren. De negentiende eeuw had over heel Europa ernstige antisemitische reactie gekend. Vooral in Rusland kwamen velen om in bloedige pogroms. Het zionisme is een burgerlijk antwoord hierop. Het zoekt de Joodse emancipatie door het Joodse volk te scheiden van de andere volkeren, niet door deel te nemen aan het gevecht van die andere volkeren tegen de slavernij van het kapitalisme.

In de beginjaren had het zionisme niet zoveel aantrekkingskracht voor de Europese Joden, of ze nu rijk of arm, bourgeois of proletarisch waren. Mijn eigen voorvaderen, die uit de Duitse kleinburgerij kwamen, verkozen het meer gastvrije Engeland boven de ruwe Palestijnse woestijn (al moet ik toegeven dat veel van hun nakomelingen in Israël belandden na de holocaust). Voor het Joodse proletariaat in Duitsland en Oost-Europa was de klassenstrijd veel aantrekkelijker dan het isolationisme van het zionisme. Zij vervoegden de arbeiderspartijen: de SPD, de Bund en de bolsjewieken. Toch was er een relatief kleine Joodse emigratie naar Palestina, meestal van Europese Joden. In 1914 herbergde Palestina 60.000 Joden (7 procent van de bevolking). In 1941, tegen de achtergrond van het zegevierend nazisme en het begin van de Tweede Wereldoorlog, was dat aantal gegroeid tot 475.000 (30 procent van de bevolking).

Relatie tussen de Joodse en Arabische bevolking in Palestina

De manier waarop de zionistische beweging in samenwerking met de (afwezige) Arabische grootgrondbezitters de Palestijnse boeren van hun land verdreef, schiep natuurlijk vijandschap tussen de Joodse kolonisten en de Arabische bevolking. Toch waren er in de eerste periode, gedurende het Britse mandaat over Palestina, voorbeelden van gemeenschappelijke strijd van Joodse en Arabische arbeiders tegen hun werkgevers.

In 1920 werd Histradut opgericht, het Algemeen Vakverbond van Joodse arbeiders in Palestina. Het was een samenraapsel van verschillende partijen en bewegingen. Het doel was de Joodse immigranten te integreren, arbeiderscoöperatieven op te richten en te zorgen voor elementaire sociale voorzieningen. De industrialisatie die het gevolg was van de kolonisatie begon Arabische arbeiders aan te trekken, ook uit de omringende landen. Doorgaans was de levensstandaard van de Arabische bevolking veel lager dan die van de Europese Joodse immigranten. Zoals overal onder het kapitalisme trachtten de bedrijven deze arbeiders tewerk te stellen tegen lagere lonen om zo ook het algemene loonpeil naar beneden te drukken (en tegelijkertijd de arbeiders te vergiftigen met racisme). Maar dat botste met de principes van het zionisme; de sociale basis ervan was de immigratie en dus werkgelegenheid voor Joodse arbeiders. Er werd trouwens sterk gerekend op de hulp van Joden buiten Palestina om dit te laten gebeuren.

De algemene secretaris van Histadrut, Ben Gurion, stelde in 1921 de oprichting voor van parallelle vakbonden voor Arabische arbeiders om te vermijden dat zij zouden worden gebruikt om de Joodse lonen te ondergraven. Maar onder het kapitalisme weigerden die tegenstellingen te verdwijnen. Geleidelijk kwam Ben Gurion tot het besluit dat een totale scheiding tussen Arabieren en Joden nodig was voor zijn doelstellingen. Zo rijpte het plan voor de splitsing van Palestina.

Ondanks de reactionaire rol van de Histadrut-leiding deden er zich gezamenlijke gevechten voor van Joden en Arabieren. In 1931 was er bijvoorbeeld een gezamenlijke staking van Joodse en Arabische taxichauffeurs tegen de hoge belastingen van de Britse bezetter. Zowel Histadrut als de groeiende pan-Arabische nationalistische beweging verzetten zich scherp tegen de staking, die eindigde in een nederlaag. 

Spijtig genoeg waren dergelijke voorbeelden van gezamenlijke strijd geïsoleerde gebeurtenissen. De reactionaire rol van Histadrut en de Palestijns-Arabische Arbeiders Vereniging (een Arabische vakbond gevormd omdat deze arbeiders geen toegang kregen tot Histadrut) verhinderde uiteindelijk de mogelijkheid tot eenheid langs klassenlijnen. Ook de stalinisten in de Sovjetunie, die opportunistisch schommelden tussen gratuit antisemitisme en steun aan het zionisme, speelden een enorm verraderlijke rol.

De holocaust, het imperialisme en het stalinisme: de splitsing, een misdaad tegen beide volkeren

De holocaust bracht een enorme versnelling in de dynamiek van de vorige gebeurtenissen. Het uitmoorden van 6 miljoen Joden zorgde ervoor dat miljoenen vluchtelingen op zoek waren naar een nieuwe thuis. Velen vluchtten naar Palestina. Maar we willen opmerken dat, wat de zionistische propaganda ook zegt, de zionistische beweging geen zeer eervolle rol speelde bij het redden van deze arme zielen. De arbeidersbeweging in de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en elders organiseerde campagnes opdat hun respectievelijke landen hun grenzen zouden open stellen voor Joodse vluchtelingen. De zionistische beweging en de leiders van de Joodse gemeenschappen speelden echter een geringe rol: hun eerste doel was Palestina te bevolken met Joden, niet de Joden te redden van de gaskamers.

Evenmin waren de Britse en Amerikaanse imperialisten "redders van de joden". Zij weigerden consequent de spoorlijnen te bombarderen die leidden naar de vernietigingskampen. Zij waren ook hevige tegenstanders van Joodse immigratie in hun landen en Groot-Brittannië stelde sterke beperkingen aan de Joodse migratie naar Palestina. Het is bekend dat de regering van de Verenigde Staten in 1939 toegang weigerde aan de S.S. St. Louis, een boot vol met vluchtelingen voor de naziterreur. Veel van deze vluchtelingen werden nadien gedood door de nazi's. Op dezelfde manier weigerde de Britten in 1942 de toestemming om in Palestina te landen aan de Struma. Dit schip werd later tot zinken gebracht door een sovjetonderzeeër.

In tegenstelling tot wat velen ter linkerzijde denken, gaven in het begin noch het Britse noch het Amerikaanse imperialisme onvoorwaardelijke steun aan de zionistische beweging. Groot-Brittannië beloofde Palestina eerst aan de Arabieren (in 1916), dan aan de Joden (de beroemde Balfour-verklaring van 1917). In volledige overeenstemming met hun politiek in hun andere voormalige kolonies (bijvoorbeeld India) probeerden zij de controle te behouden door de bevolkingsgroepen tegen elkaar op te zetten. Toen was Groot-Brittannië gekant tegen het ontstaan van een sterke Joodse staat: Britse officieren stonden aan het hoofd van de Jordaanse troepen die Israël aanvielen in 1948! De holocaust had Joden van alle politieke gezindheden (inbegrepen... communisten) ertoe gebracht naar Palestina te emigreren en de Britten vreesden dat een Joodse staat onder sovjetinvloed zou komen.

Ongelooflijk genoeg zijn er veel stalinisten die denken dat Stalin een onvermoeibare vechter tegen het zionisme zou geweest zijn. Dat kon niet verder van de waarheid zijn! Terwijl Stalin regelmatig toegaf aan het meest weerzinwekkende antisemitisme (met inbegrip van het vermoorden van vele Joodse bolsjewieken), sprak hij zich uit ten voordele van de splitsing van Palestina en de vorming van een Joodse staat. Hij dacht dat dit een tegengewicht zou vormen tegen de Arabische monarchieën onder Britse invloed. Het door de sovjets gedomineerde Tsjecho-Slowakije was een van de eerste landen die wapens leverde aan de nieuw gevormde Joodse staat zodra de splitsing van Palestina gestemd was in de Verenigde Naties.

Evenmin waren de Verenigde Staten van Amerika onmiddellijk de grote bondgenoot van Israël. In eerste instantie steunden ze zelfs een embargo tegen Israël! De VS veranderde van houding als gevolg van manoeuvres tegen het Britse imperialisme, toen de machtspositie van Groot-Brittannië in de regio slonk. Groot Brittannië en de Verenigde Staten besloten slechts tot volledige steun aan (en dominantie over) Israël op het ogenblik dat de Sovjetunie haar invloed uitbreidde over verschillende Arabische staten, in het bijzonder Egypte en Syrië.

Op 29 november 1947 stemde de algemene vergadering van de Verenigde Naties voor de splitsing van Palestina in een Joodse en een Arabische staat. Groot-Brittannië stemde ermee in om Palestina geleidelijk te verlaten en de controle over te dragen aan de VN. Zoals we hebben gezien was het ondertussen al druk aan het manoeuvreren om zijn eigen belangen te verdedigen. Onder de Britse bezetting waren er voortdurend gevechten tussen Joodse en Arabische gewapende groepen en tussen de Joodse guerrilla's en het Britse leger. In 1946 blies de Irgun, een Joodse guerrillagroep het King David hotel op, waarbij 92 doden vielen. In 1948 ontaardde dit in een oorlog op grote schaal. Zoals we al gezegd hebben: meer dan 700.000 Palestijnen vluchtten of werden uit hun huizen gedreven door het zich vormende Israëlische leger en de Joodse milities en meer dan 600.000 Joden vluchtten of werden uit hun huizen gezet in de Arabische wereld. Terwijl deze Joden burgers werden van Israël (weliswaar meestal onder de armsten) zijn de Palestijnen tot de dag van vandaag vluchtelingen gebleven.

De nasleep

Hoe meer de Sovjetunie haar invloed uitbreidde over Egypte en Syrië, des te meer werd Israël het belangrijkste bolwerk van het Amerikaanse imperialisme in de regio. De koude oorlog maakte het Midden-Oosten tot een slagveld en Israëls korte geschiedenis is bloedig geweest. De val van de Sovjetunie heeft daar geen verandering in gebracht: Israël bleef de belangrijkste pion in de poging van de VS om de regio te domineren. De armoede is ook aan het stijgen in Israël. Het kapitalisme is er niet in geslaagd een welvarende gemeenschap te creëren voor Israëls Joden. Gepensioneerden eten het rotte fruit dat de supermarkten aan het eind van de dag buiten zetten; ambtenaren werden meer dan een jaar niet betaald; studenten gaan gebukt onder steeds hogere schoolgelden en schulden.

Wat de Palestijnen betreft, zij blijven vluchtelingen in eigen land in de bezette gebieden of de reusachtige gevangenis van Gaza. In Libanon en Jordanië worden ze naar de marge van de maatschappij verwezen. Een tiental jaar durende guerrillacampagne van verschillende kleinburgerlijke groepen rond de PLO (Palestijse Bevrijdingsorganisatie) is er niet in geslaagd hun volk te bevrijden. De PLO-leiding heeft zich (net als de Sinn Fein-leiding in Ierland) omgevormd tot collaborateurs van de ergste soort. Ook Hamas kan geen alternatief bieden voor de Palestijnen.

We mogen daarom besluiten dat het zionisme niets dan ellende heeft gebracht voor de volkeren van Israël en Palestina. Wat heeft het gebracht voor de Joden in het Westen? Wel, ondanks de relatieve economische voorspoed van de Joden in het Westen (bv. in Groot-Brittannië behoren 60 procent van de Joodse mannen en 30 procent van de vrouwen tot de groep van de managers en hoger opgeleiden, hoger dan elke andere religieuze groep) gebeuren er nog altijd gewelddadige aanvallen tegen Joden. Hun aantal neemt zelfs toe. Veel van deze aanvallen komen van jonge moslims, opgebracht met televisiebeelden van onderdrukking van de Palestijnen en aangemoedigd door reactionaire religieuze leiders om hun Joodse buren aan te vallen.

Bovendien wordt het een respectabel politiek discours om allerlei theorieën te brouwen over Joodse dominantie, in het bijzonder wat de Amerikaanse regering betreft. Zo is er het ‘Mearsheimer and Waits paper' uit 2006, dat beweert dat de Joods lobby in de VS de buitenlandse politiek in het Midden-Oosten bepaalt tegen de Amerikaanse strategische belangen in. De reden dat antisemitisme nog altijd een politieke rol speelt ligt in het feit dat de Joodse kwestie zich heeft omgevormd tot een nationaal probleem. Marx had dit bijvoorbeeld nooit kunnen vermoeden toen hij in zijn geschriften over het ‘Joods probleem' stelde dat de Joden zouden worden bevrijd van het antisemitisme op het ogenblik dat zij zich economisch zouden emanciperen. Het geschenk van het zionisme aan het Joodse volk is het verder bestaan van het antisemitisme.

Is er een oplossing?

Kapitalisme, met zijn geschiedenis van het tegen elkaar opzetten van etnische en religieuze groepen op zoek naar lagere lonen, biedt zeker geen oplossing. Evenmin kunnen we enig vertrouwen stellen in de manoeuvres van de imperialistische grootmachten met hun zogenoemde ‘vredesplannen'. Die plannen zouden leiden tot hopeloos zwakke Palestijnse Bantoestans, net zoals de zwarte thuislanden in het Zuid-Afrika van de apartheid. In werkelijkheid waren dat arbeidsreserves voor het Zuid-Afrikaanse kapitalisme. Op dezelfde manier zou een Palestijnse staat volledig vertrappeld worden onder de economische hiel van Israël, met een blijvende onderdrukking tot gevolg van zowel Palestijnse als Israëlische arbeiders.

Sommige kleinburgerlijke linkse groepen geven steun aan het islamitisch fundamentalisme van Hamas, Hezbolah e.a. Zij willen de vernietiging van de staat Israël en de vervanging ervan door een eengemaakt Arabisch Palestina (mogelijks volgens de islamitische wet). Het is duidelijk dat we zoiets niet kunnen ondersteunen. Om te beginnen zou dat desastreuze gevolgen hebben voor de Joden in Israël, die een onderdrukte minderheid zouden worden in een Arabisch/islamitische staat. Ten tweede zou een kapitalistisch Palestina (of het nu islamitisch is of niet) onmogelijk in staat zijn het Palestijnse volk uit zijn armoede te helpen. Ten derde heeft Israël het grootste militaire apparaat in het Midden-Oosten. Als guerrillatactieken enig succes kunnen hebben (de overwinning van Hezbollah in 2006 is zo een voorbeeld), dan is de vernietiging van de staat een volledig ander verhaal.

In de laatste instantie is de enige bondgenoot die de Arabische en Israëlische arbeiders en armen zullen vinden elkaar. De prachtige beweging van de arbeiders over heel Egypte toont dat het mogelijk is om het kapitalisme en het imperialisme uit te dagen. Alleen in een eengemaakte revolutionaire strijd tegen de gemeenschappelijke vijanden, de vampieren van de kapitalistenklasse en hun imperialistische meesters kunnen de arbeiders van Palestina, Israël en de rest van het Midden-Oosten hun regio omvormen tot een plek waar het beter is om te wonen.

16 mei 2008

Tijdschrift Vonk

Activiteiten

Onze boeken

Onze boeken