De acties op Dag X waren zowel internationaal als in België een groot succes, net zoals de massabetogingen van de laatste maanden. Ettelijke tienduizenden hebben in België getoond dat wij ons verzetten tegen de imperialistische oorlog van Bush en Blair. Internationaal gaat het om tientallen miljoenen die zich al actief verzet hebben. Elke dag opnieuw zijn er acties. Niet alleen in de steden, ook in gemeenten en dorpen komen honderden en soms duizenden mensen op straat. De weerzin tegen deze oorlog zit heel diep.

Dat is een hart onder de riem, voor het Iraakse volk en voor onszelf. Maar wat nu? De oorlog gaat gewoon door. Hebben onze acties dan tot niets gediend? Wat kunnen we verder nog doen?

Is er nog hoop?

Na al die acties merken sommigen verslagen op dat we de oorlog niet hebben kunnen stoppen. Dat is waar. Maar we wisten toch van in het begin dat de kliek rond Bush hun zinnen niet gingen verzetten. Zij hadden hun beslissing al lang gemaakt, jaren geleden zelfs, zoals Panorama op zondag 23 maart nog maar eens herhaalde.

Neen, we hebben de oorlog niet kunnen tegenhouden. Maar kan u zich één oorlog herinneren waarbij er op voorhand en bij het uitbreken ervan zoveel protest is geweest? Dat is minstens geleden van de Tweede Wereldoorlog (toen de strijd tegen de oorlog was verbonden met de strijd tegen het fascisme). In aantallen brak het gezamenlijke wereldprotest van 15 februari alle records. Het sterke protest tegen de Vietnam-oorlog is pas na enkele jaren op gang gekomen. Vandaag staan echter al tientallen miljoenen op voorhand op tegen de oorlog. Dit toont het totaal verschillende karakter van de huidige periode, waarvan we enkele jaren geleden al voorspelden dat het een periode van instabiliteit op wereldvlak zou zijn, inclusief oorlog, economische crisis, aanvallen op de levensstandaard, verhoogde repressie maar tegelijk ook sterkere sociale conflicten, verhoogde arbeidersstrijd en verzet tegen het kapitalisme en het imperialisme. De massale beweging vandaag bewijst dat een nieuwe generatie klaar staat om te strijden.

We mogen dit gegeven niet onderschatten. Sinds de antiglobaliseringsbeweging is de jeugd zich stilaan opnieuw aan het roeren na een periode van relatieve depolitisering gedurende de jaren ’90. In sommige landen (Italië, Spanje, Griekenland) lag dit nieuwe bewustzijn voor op België. Met de anti-oorlogsbeweging echter is ook de Belgische jeugd meer aan het politiseren.

Dat heeft een enorm effect op het bewustzijn van de werkende klasse. Veel volwassenen drukten hun enthousiasme uit over de vitaliteit die uitging van de jongeren op de betogingen tijdens Dag X. Na twee decennia van vooral nederlagen (de neoliberale aanval) krijgen zij weer hoop door het zien en ervaren van dit jeugdige vuur. Inderdaad, de oorlog gaat door, maar de jongeren geven toch al deze boodschap mee: “De toekomst is niet dood, want wij willen ervoor vechten!” Dat is de belangrijkste boodschap die de afgelopen weken ons brachten.

Wat hebben we totnogtoe bereikt?

Iedereen die heeft meegedaan aan protesten tegen vorige oorlogen, zal beamen dat we al zeer veel hebben bereikt, zaken die voordien ondenkbaar leken. Vergelijk bijvoorbeeld de manier van oorlog voeren met die van de vorige Golfoorlog. Of met de plannen die klaar lagen. De Amerikaanse strategen hadden toch een massabombardement voorspeld zoals er nog nooit een zou zijn geweest? In de eerste 48 uren zouden op Bagdad meer bommen vallen dan tijdens de gehele Eerste Golfoorlog. Maar uiteindelijk zijn ze begonnen met slechts enkele precisiebommen gericht op plaatsen waar ze dachten dat Saddam en de legertop zich verschuilden. Dit om nog maar eens te laten uitschijnen dat het hen louter te doen is om een regimewissel en dat ze daarbij weinig slachtoffers willen maken. Ook grondtroepen zijn veel vroeger ingezet dan aanvankelijk gepland.

In vorige oorlogen werden volkswijken massaal gebombardeerd om het moreel van de bevolking, en zo ook hun verzet, te breken. Door de grote weerzin van de publieke opinie en het wakende oog van de wereldbevolking kan dat echter allemaal niet meer zomaar. De protesten hebben dus al een directe invloed gehad op de manier van oorlog voeren. De Amerikanen moeten constant op hun tellen passen, wat uiteraard niet wil zeggen dat dit nu een propere oorlog is geworden. De talrijke burgerslachtoffers getuigen daarvan.

De massaprotesten zijn er op het politieke vlak in geslaagd Bush’ ‘coalitie van bereidwilligen’ aanzienlijk te verzwakken. Ten eerste hebben we door onze mobilisaties de tegenstellingen tussen de grootmachten verscherpt. Frankrijk, Duitsland, Rusland en China zijn tegen deze oorlog, niet omdat ze zelf tegen bloedvergieten om oliebelangen zijn, maar omdat deze oorlog ingaat tegen hun eigen imperialistische belangen. Zij zien niet graag dat de VS de absolute supermacht zijn. Om die reden (en niet voor de vrede) lagen ze dwars in de VN. In januari was echter duidelijk dat die grootmachten zouden toegeven aan de Amerikaanse druk en gewoon hun omkoopprijs wilden opdrijven. De massaprotesten in Europa en de rest van wereld maakten die toegevingen evenwel plots veel moeilijker. Chirac (een reactionaire rechtse politicus, laat ons dat niet vergeten) werd door zijn voorgaande uitlatingen plots gekatapulteerd naar het hoofd van de beweging tegen de oorlog en werd aldus opnieuw vastgezet in een standpunt tegen de oorlog.

Zelfs bij de belangrijkste bondgenoten van de VS loopt niet alles op rolletjes. Er kan bijvoorbeeld geen Amerikaans offensief gevoerd worden via Turkije, hoewel het Turkse establishment dat graag had gewild. Meer dan 90 procent van de Turken is echter tegen en daar ga je niet zomaar tegen in. Blair, Aznar en Berlusconi zitten in slechte papieren, de grootste betogingen hebben juist plaats in hun landen. Iemand zal misschien tegenwerpen: "Ja maar dat is Groot-Brittannië, Spanje en Italië en wij leven in België." Maar wij hier in België zijn een onderdeel van diezelfde beweging. Het verzet tegen de oorlog is wars van alle grenzen, het verzet tegen de oorlog is internationaal.

Met ons verzet steunen wij het verzet in andere landen. Zou het verzet in de VS zelf vandaag zo sterk zijn als zij geen internationale steun zouden krijgen? De vraag stellen is ze beantwoorden. De Amerikaanse media minimaliseren dat protest angstvallig. Ludo de Brabander van vzw Vrede zei tijdens een radio-interview terecht dat het verzet in de VS veel groter is dan de media aldaar doen uitschijnen. Via ons contact met kameraden in de VS weten wij bijvoorbeeld dat duizenden studenten van het befaamde Massachusetts Institute of Technology, Harvard en Tufts University hebben gedemonstreerd in Boston. In San Francisco kwamen zelfs tienduizenden mensen op straat. Dat zijn zeker nog niet de enorme aantallen van tijdens de Vietnam-oorlog, maar zoals gezegd was er aan het begin van die oorlog zo goed als geen protest.

De Amerikanen stuiten op meer moeilijkheden in Irak dan ze aanvankelijk dachten. Er vallen slachtoffers langs Amerikaanse en Britse zijde, en we zijn nog maar aan het begin van het conflict. Minister van Defensie Donald Rumsfeld reageerde heel kregelig op vragen van de pers over de duur van de oorlog, omdat hij weet dat het conflict lang kan aanslepen. Televisiebeelden tonen duidelijk dat het Amerikaanse leger helemaal niet als bevrijders wordt onthaald. Zelfs nadat ze Bagdad veroverd hebben, zal het verzet en de (guerrilla)oorlog blijven woeden. Wanneer de ‘body bags’ (lijkzakken) in grotere getale naar de VS zullen terugkeren, dan zal de Amerikaanse publieke opinie beginnen keren tegen de oorlog.

Toen een van de Amerikaanse krijgsgevangenen op de Iraakse televisie werd getoond, vroegen journalisten later aan zijn ouders in de VS wat ze van deze oorlog dachten. De wenende moeder antwoordde dat ze onmiddellijk moesten stoppen. Dat is nog maar het begin. Meer hartverscheurende beelden zijn in de maak. Het verzet in de VS zal groeien. Door ons in België actief uit te spreken tegen de oorlog geven we kracht aan de Amerikanen die daar mee bezig zijn in de VS. Uit onze steun kunnen zij moed putten om meer mensen te overtuigen van de onzin van deze oorlog. Wij mogen niet vergeten dat alleen zij uiteindelijk Bush en zijn kliek van ‘madmen’ kunnen omverwerpen.

Conclusie: de sceptici hebben ongelijk, actie voeren heeft zin.

Tactisch protesteren

Actie voeren en betogen hebben zin, maar we moeten vermijden dat het daarbij blijft. Betogen kan vlug verzanden in gewoon wat stoom aflaten. Na een tijdje worden de deelnemers moe, omdat ze het gevoel hebben dat ze geen perspectief hebben. Van in het begin van de protesten tegen de Amerikaanse veldtocht hebben wij zo een perspectief willen aanreiken. We hebben in september 2002 al gesteld dat betogen van Brussel Noord naar Brussel Zuid zinvol is, maar niet voldoende. Daarom hebben wij een dossier uitgebracht over het militaire gebruik van de haven van Antwerpen en zijn we daar actie rond gaan voeren. In Oostende voerden we actie tegen het gebruik van de luchthaven door het Amerikaanse leger. Daarmee wilden we de anti-oorlogsbeweging concrete strijdpunten geven waarvoor we hier in België kunnen vechten.

Vandaag staan die wapentransporten centraal in de berichtgeving over de oorlog en de Belgische regering. Nochtans is Vonk slechts een kleine groep. Tactiek is hier cruciaal. Onze tactieken bestonden grosso modo uit vier elementen. Ten eerste ijverden wij voor de oprichting van anti-oorlogscomités (AOC’s) die actie kunnen voeren tegen de oorlog en de wapentransporten om zo een groter deel van de bevolking te sensibiliseren. Ten tweede, samenwerken met de organisaties van het Platform tegen de Oorlog, waaronder het Forum voor Vredesactie en vzw Vrede. Ten derde stelden wij steeds voorop dat het in de eerste plaats de vakbonden zijn die de transporten kunnen tegenhouden. Arbeiders en bedienden die direct of indirect met de transporten in aanraking komen, hoeven hun medewerking niet te verlenen; zij kunnen via hun vakbond de transporten boycotten. In Italië gebeurt dit al. Ten slotte was het cruciaal om de basis van SP.a/PS en de groenen te bereiken. Door hen op de hoogte te stellen van de wapentransporten via acties en pamfletten, konden zij binnen hun partijen de leiding vragen om tegen die transporten op te treden. Zo is dat thema uiteindelijk de regering binnengekomen.

Wij blijven hameren op een onmiddellijke stopzetting van de wapentransporten. De premier ontkent dat er nog zullen komen. Chevalier van de VLD geeft echter toe dat de wapentransporten nog zullen doorgaan. De oorlog zal trouwens langer duren dan verwacht, dus zal er meer bevoorrading moeten komen. De Oostendse luchthaven wordt intensief gebruikt door de Amerikanen. Socialisten en groenen mogen zich niet verschuilen achter drogredenen, er moet onmiddellijk een einde komen aan die transporten.

Veel mensen zijn het ook beu dat ze daaraan moeten meewerken. De zeeloodsen staan klaar om militaire transporten niet meer door te laten en ook in de Oostendse luchthaven broeit er iets onder het personeel. Wij moeten deze mensen steunen. Daarom lanceerden wij op onze website een oproep voor syndicalisten om steun te geven aan het initiatief van de zeeloodsen. Verspreid deze oproep onder vakbondsmensen en vraag hen om hem te tekenen en zelf acties te plannen ter ondersteuning van de loodsen.

Ook als je niet bij de vakbond zit, kan je vakbondsacties steunen. Richt anti-oorlogscomités op om actie te voeren. Stakingen en acties van scholieren en studenten geven immers morele steun aan syndicalisten die actie willen voeren. Jongerenacties tonen dat de zeeloodsen en andere arbeiders niet alleen staan in hun verzet tegen de oorlog. Voer daarom niet alleen actie tegen de oorlog, maar ook tegen de wapentransporten.

En waarom betogen wij eigenlijk altijd in Brussel? Is het momenteel niet beter om de massabetogingen eens te laten doorgaan in Oostende of Antwerpen? Daarmee kunnen we een duidelijk signaal geven dat die transporten NU moeten stoppen. Geen ‘directe actie’ van enkele tientallen mensen, maar directe actie van de massa om de transporten te blokkeren!

Vervoeg onze strijd voor een rechtvaardige samenleving

Ten slotte nog dit. Voor velen is het duidelijk dat de oorlog gevoerd wordt om (olie)winsten. Oorlog en kapitalisme gaan hand in hand. Als imperialisten de belangen van hun bedrijven niet langer kunnen najagen door via diplomatie en economische maatregelen nationale markten open te breken, dan forceren ze wel een doorbraak met militaire middelen. De wereld is heel turbulent aan het worden: Irak, Afghanistan, Israël/Palestina, Venezuela, Argentinië, eigenlijk heel Latijns-Amerika, de crisis rond Noord-Korea, een economische crisis, repressief optreden en inperking van onze democratische rechten, massaprotesten, milieurampen enzovoort. Het kapitalisme is een periode van degeneratie betreden, er is niets progressiefs meer aan. Oorlog is geen geïsoleerd fenomeen. Als we tegen iets strijden, dan mogen we niet enkel tegen verschijningsvormen strijden. We moeten naar de kern van de zaak gaan. De strijd tegen de oorlog moet zich omvormen tot een strijd tegen het kapitalisme en voor een sociale samenleving, voor socialisme.

Ben je akkoord met de manier waarop Vonk strijd levert tegen de oorlog? Verlang je ook naar een rechtvaardige samenleving die niet draait rond de winsten van een minderheid maar rond de behoeften van de mensheid? Vervoeg ons dan in onze strijd. Neem contact met ons op als je wil meewerken aan dit project.

Contacteer ons op Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of 03/295.58.19

Tijdschrift Vonk

Activiteiten

Onze boeken

Onze boeken