In Parijs presenteerde het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) op 2 februari haar vierde rapport over het veranderende klimaat. De gemiddelde temperatuur op aarde stijgt en volgens de samenwerkende wetenschappers van het IPCC is dat zeer waarschijnlijk het gevolg van menselijk handelen. Sceptici wijzen erop dat vooral natuurlijke processen het klimaat beïnvloeden. Een feit is dat de opwarming van de aarde en de veronderstelde invloed van menselijke activiteiten daarop uitgegroeid is tot een politiek hot item, letterlijk en figuurlijk dan.

Het Canadese parlement heeft bijvoorbeeld in februari een wet aangenomen die de regering verplicht zich aan het klimaatverdrag van Kyoto te houden. De regerende Conservatieve Partij heeft aangegeven de wet naast zich neer te zullen leggen. De Conservatieven vinden dat het te veel geld kost om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen.

Ook in België wordt het broeikaseffect een hype. Het groeit snel uit tot een van de centrale thema’s in de verkiezingscampagne voor het federale parlement op 10 juni 2007. Vooral de SP.a en Groen! trachten elkaar de loef af te steken als koene strijders tegen de koolstofdioxide-uitstoot. Maar ook premier Verhofstadt is bijzonder onder de indruk van de boodschap van de documentaire ‘An Inconvenient Truth’ van Al Gore. Alleen het Vlaams Belang lijkt nog het Neanderthalerstandpunt te verdedigen dat je gewoon gas moet kunnen geven in de stad en dat je er overal gratis moet kunnen parkeren.

Hot item

Hoewel elke klimatoloog je zal vertellen dat één warme winter het broeikaseffect niet maakt, lijkt de voorbije milde winter voor veel mensen de ultieme illustratie dat het met ons klimaat helemaal fout zit. Veel burgers zijn zo met de problematiek begaan dat er nu zelfs al koolstofdioxideclubs ontstaan die de uitstoot willen terugbrengen door samen te sleutelen aan hun levenswijze. Het blijft natuurlijk een feit dat de curve die het temperatuurverloop op de planeet in de afgelopen 1000 jaar weergeeft een ‘golfclub’-vorm vertoont: plotseling stijgend in de afgelopen vijftig jaar. Maar andere wetenschappers zijn dan weer van oordeel dat dit te maken heeft met een toegenomen activiteit van de zon, waar we nu eenmaal met de beste wil van de wereld niets aan kunnen veranderen.

Wat er ook van is, en welk effect het verder ook heeft op ons klimaat, één vaststelling staat als een paal boven de stijgende waterspiegel: de door mensen veroorzaakte koolstofdioxide-uitstoot neemt toe en daarmee ook de hoeveelheid koolstofdioxide in de atmosfeer. Hetzelfde kan worden gezegd van enkele andere broeikasgassen zoals methaan en gechloreerde fluorkoolwaterstoffen, respectievelijk uitgestoten door de veeteelt en door lekkende koelsystemen.

Die toegenomen uitstoot moeten we vooral beschouwen als een ‘tracer’ voor heel wat andere milieuproblemen: waar er méér CO2 uitstoot is rijden er doorgaans meer auto’s en vrachtwagens rond en vliegen er veel meer vliegtuigen. Die veroorzaken op hun beurt geluidshinder, ze verspreiden fijn stof dat diep in de longen doordringt en kankerverwekkende stoffen zoals benzeen. Ze veroorzaken een verdichting van de bodem door verkeersinfrastructuur en versnipperen de vrije natuur. Een economie aangedreven door olie eist dat er tankers rondvaren die bij tijd en wijle te pletter varen op Spaanse of Bretonse kusten, en pijpleidingen doorheen sloppenwijken van kapitalistische metropolen in de derde wereld, waar de mensen niet kunnen meegenieten van de olierijkdom maar wel de klappen opvangen als er zo’n leiding explodeert.

Met andere woorden, één milieuprobleem is doorgaans verweven met talloze andere. Uitstoot van methaan door de veeteelt gaat gepaard met mestoverschotten en die veroorzaken op hun beurt algengroei in de rivieren en uitputting van zuurstof in het water (eutrofiëring) met massale vissterfte tot gevolg. Ons toegenomen waterverbruik put niet enkel de grondwaterlagen uit maar zorgt aan het einde van de keten voor water dat vervuild is met steeds moeilijker te verwijderen stoffen zoals residu’s van geneesmiddelen en hormonen. Het is niet helemaal onmogelijk om zelfs deze residu’s te verwijderen (door membraantechnieken en omgekeerde osmose) maar dat vergt dan weer energie (met bijbehorende CO2-uitstoot) enzovoort, enzovoort.

Consuminderen

Wat sterk opvalt in de huidige kruistocht tegen het broeikaseffect is de nadruk die gelegd wordt op de individuele consument en de andere levensstijl die we erop na zouden moeten gaan houden. Op zich is dat geen doelstelling die vrij te pleiten is van enig winstoogmerk: om de vijf jaar worden de wagens wel weer wat zuiniger zodat het blijkbaar milieuvriendelijk is om regelmatig een nieuwe wagen aan te schaffen. Bedrijven die zonneboilers en warmtepompen op gezinsformaat op de markt gooien, schieten als paddestoelen uit de grond. Philips heeft ongetwijfeld al berekend hoeveel miljarden het hen zal opbrengen wanneer alle gloeilampen die ze verkocht hebben in de wereld vervangen zullen worden door spaarlampen, gemaakt door Philips natuurlijk. Biologisch geteelde groenten en fruit kosten een aanzienlijke duit meer. Niet in het minst wanneer men uw biologisch geteelde kiwi met het vliegtuig heeft aangevoerd vanuit Nieuw-Zeeland en nog enkele weken heeft bewaard in diverse koelmagazijnen… Milieubewust leven is te koop voor mensen met geld en legt weer andere mensen met geld zeker geen windeieren. Afvalrecyclagebedrijven en firma’s die zich specialiseren in de zuivering van afvalwater zijn uitgegroeid tot wereldwijde en bijzonder winstgevende multinationals.

Garnalen op vliegreis

Daarmee willen we zeker niet beweren dat milieuproblemen flauwekul zijn en alleen ‘uitgevonden’ zijn om er winst mee te maken. Integendeel, het kapitalistische economische model is levensbedreigend voor de mensheid en de planeet. Kapitalisme vereist niet alleen uitbuiting van de mens door de mens, maar ook van de natuur door de mens. Het oude, versleten liberale economische model van Adam Smith en tijdgenoten, dat nog steeds aan de basis ligt van onze mens- en natuurverslindende economie, is een model waarin menselijke economische activiteit als het ware op atomaire schaal aanwezig is temidden van een overvloed aan onuitputtelijke natuurlijke hulpbronnen. Misschien is het een model dat nog een klein beetje in overeenstemming was te brengen met de realiteit in de beginjaren van het kapitalisme, hoewel zelfs Friedrich Engels in de 19e eeuw al oog had voor de milieuproblemen in de industriegebieden van midden Engeland en de ecologische gevolgen van monoculturen van suikerriet in de Caraïben.

Aan het begin van de 21e eeuw is het kapitalisme echter een monster geworden waarvan de productiviteit het honderdvoudige bedraagt van het kapitalisme van de 19e eeuw. Toch slaagt die exponentieel groeiende productie er niet meer in de levenskwaliteit van de mensen op wereldschaal nog noemenswaardig te verbeteren. Technologie en transportmiddelen worden voornamelijk ingezet in de nooit aflatende race naar de goedkoopste arbeid en de hoogste winst. Wat is er rationeel aan het invriezen van verse Noordzeegarnaal om deze vervolgens op het vliegtuig naar Marokko te zetten om hem daar te laten pellen en inpakken en vervolgens terug te vliegen of rijden naar Belgische supermarkten? Vergeet het licht niet uit te doen in de gang en ga met de fiets naar het werk, brave burger, maar dat zal nauwelijks helpen om de milieuschade toegebracht door uw tomate crevette te compenseren.

Wat we daarmee willen zeggen, is dat de milieucatastrofe niet in de eerste plaats een gevolg is van een consumptiepatroon maar wel van een productiepatroon. De steeds uitdijende havens van Antwerpen en Rotterdam die als een betonnen fungus over het achterland heen groeien en de omwonenden verstikken in lawaai en stof, moeten dat heen en weer gegooi met containers op wereldschaal steeds sneller opdrijven. Want of een kapitalistisch bedrijf nu produceert met een groen labeltje of niet, het heeft altijd belang bij steeds sneller draaiende productiecycli die zich steeds verder over de wereld moeten uitstrekken. De winst moet altijd stijgen want anders vlucht het geïnvesteerde kapitaal met de snelheid van het internet naar een ander deel van de wereld of een andere sector waar nog méér winst te puren valt. Deze waanzin gaat in de zakenbijlagen van de kwaliteitskranten door het leven als economisch realisme.

Natuurlijk stellen de pleitbezorgers van het bestaande economische systeem dat de private markteconomie al deze problemen zelf aankan. Inderdaad worden er met de regelmaat van een klok innovaties op de markt gegooid die een bijdrage kunnen leveren aan de oplossing van milieuproblemen en die vanuit technologisch standpunt ook bijzonder interessant zijn. Maar binnen het kapitalisme speelt een pervers mechanisme waardoor het zijn eigen technologische kinderen opvreet. Zo zien we dat de vooruitgang die geboekt wordt op het vlak van brandstofzuinige wagens teniet wordt gedaan door de verkoop van 4 x 4 monsters. In de vliegtuigindustrie doet zich een gelijkaardig effect voor. Daar komen nu de zogenaamde stage 4 motoren in omloop. Deze motoren hebben een veel lager brandstofverbruik, een schonere verbranding en zijn zo geluidsarm dat we ze zelfs op vrij lage vlieghoogte nog nauwelijks zullen horen. Maar nu reeds voorziet men dat de dalende kostprijs en de hogere winstverwachtingen zullen leiden tot nog meer vliegverkeer waardoor het gunstige effect op het milieu verloren gaat.

De ene zijn brandstof is de andere zijn brood

Een ander voorbeeld van een schijnoplossing binnen het bestaande systeem is de hype rond de zogenaamde biobrandstoffen. Voertuigbrandstoffen worden daarbij aangelengd met natuurlijke oliën bijvoorbeeld uit koolzaad, soja of maïs. De verwachte stijging van de vraag naar deze gewassen en de stijgende prijzen zorgen er nu echter voor dat bijvoorbeeld de druk op het Amazonewoud en andere ongerepte gebieden nog wordt verhoogd. Bovendien zorgen die stijgende prijzen, in combinatie met de vrije wereldhandel volgens de spelregels van de sterke landen zoals de Verenigde Staten en Europa, ook nog voor sociale drama’s.

De Mexicaanse regering bijvoorbeeld (die zich enkel staande kon houden door massale verkiezingsfraude tegen de linkse kandidaat Lopez Obrador) opteert voor ongelimiteerde vrijhandel in het voordeel van de Noordamerikaanse zakenbelangen. Dat leidde er onder andere toe dat de Mexicaanse teelt van maïs, een basisvoedingsgewas in Mexico, grotendeels van de kaart werd geveegd door goedkope, gesubsidieerde Amerikaanse import. Nu maïs echter ook gezien wordt als een potentiële leverancier van motorbrandstoffen, begint de prijs te stijgen. Op dit moment produceren in de Verenigde Staten 117 bedrijven ethanol, 72 bedrijven zullen binnen de twee jaar in productie zijn. Volgens een schatting van de Amerikaanse ethanolproducenten is vorig jaar 20 procent van de Amerikaanse maïsoogst voor de aanmaak van ethanol gebruikt. Een cijfer dat nog zal stijgen. Op 1 februari trokken daarom 75.000 betogers naar Mexico-Stad om er te protesteren tegen de hoge tortillaprijzen. Tien peso's (0,70 euro) per kilo is het dubbele van wat de Mexicanen vorig jaar moesten betalen.

De integrale boekhouding van het socialisme

Tegenover het eenzijdige economische realisme stellen wij een socialistisch realisme: een socialistische economie zal de economische investeringen plannen aan de hand van veel meer parameters dan enkel de logica van de winstmaximalisatie. Ook het welzijn van de mensen – zowel in hun hoedanigheid van consumenten als van producenten – de eindigheid van de grondstoffen, de kwaliteit van de leefomgeving en de kwetsbaarheid van de natuur worden dan in rekening gebracht. Veel meer dan op steeds snellere en omvangrijkere economische activiteiten en de productie van banaal veel vergankelijke goederen zal daarbij de nadruk liggen op duurzaamheid en kwaliteit. Democratisch socialisme is de economie van de integrale boekhouding die met dit alles rekening houdt. Socialisme stelt mens en natuur opnieuw centraal in het economische gebeuren, zonder te vervallen in een ‘terug naar de natuur’-utopie of ascetisme. Integendeel, pas als we verlost zullen zijn van consumptiedwang zullen we in staat zijn om kwaliteitsvol te consumeren én dus om goed te leven. De ongemakkelijke waarheid voor de elites is dan ook vooral dat enkel een sociale revolutie de ecologische kwestie zal kunnen oplossen.

Tijdschrift Vonk

Activiteiten

Onze boeken

Onze boeken