x4for8.jpg.pagespeed.ic.tkeRcOP HGMarc Goblet, de voorzitter van het ABVV, wil een kortere arbeidsduur voor oudere werknemers. Op de vergadering van de Groep van Tien, met de belangrijkste federale sociale onderhandelaars, wordt het ABVV voorstel uit de doeken gedaan. Ondertussen lichtte hij zijn idee al toe aan de media.

Het gaat om een collectieve arbeidsduurvermindering. Hij geeft het voorbeeld van een daling van de arbeidstijd van 38 uur naar 32 uur per week. De voorwaarde is wel dat de vrijgekomen tijd dient om jongeren aan te werven. Dit moet verplicht zijn. Het loon van de oudere collega’s moet worden behouden en het hele opzet moet kostenneutraal zijn voor het bedrijf. De financiering gebeurt bij middel van de vermindering van de patronale sociale bijdragen.

Het is goed dat het ABVV met een collectieve tijds-eis naar voor komt. Er is immers een grote nood aan een dergelijke eis. Een ander voordeel is dat het een meer offensief profiel aan de vakbondseisen geeft. Veel militanten zullen die eis genegen zijn. Niet alleen in het ABVV, maar ook in de andere bonden. Anderzijds is de eis ook ingegeven door een berusting in de verlening van de pensioenleeftijd en de afbouw van het brugpensioen. Met deze eis wordt de sociale achteruitgang ‘draaglijk’ gemaakt…  De militanten zullen zich wel afvragen hoe het ABVV tot deze beslissing is gekomen, zonder hen te raadplegen, zonder de minste vorming hier rond. Een goede eis is eerst en vooral een eis die gedragen en begrepen wordt door de achterban en kan beargumenteerd worden op de werkvloer. Wij zochten in de recentst ABVV publicaties (op de site, in De Werker, in de persberichten, in het pamflet voor de betoging van 7 oktober) vergeefs naar een uitleg hierover of zelfs een verwijzing naar die eis. De zomerse komkommertijd is geen afdoende verklaring hiervoor. Het heeft iets van een geïmproviseerde uitval van Marc Goblet. Als wij deze indruk hebben zal dit ook niet aan het patronaat zijn ontgaan…

Wat vinden wij van een kortere arbeidstijd? We spoelen even terug. Sinds 1980 is de dalende trend in de arbeidsduur gestopt. De tendens is nu naar een feitelijke verlenging van de arbeidstijd. Daar waar de statistieken wijzen op een daling van de arbeidsduur, is dit vooral het effect van meer deeltijds werk. Het percentage werknemers dat 40 uren werkt is ook gedaald ten voordele van een grotere groep die ofwel meer uren werkt of veel minder uren werkt. De groep die meer dan 45 uren werkt wordt snel groter. De nieuwe technologieën vervagen ook steeds meer de grens tussen werk en vrije tijd. De intensiteit van de arbeid wordt steeds heviger. De kapitalisten proberen zo ‘de poriën van de tijd op te vullen’ stelde Marx. De tijd die we aan werken besteden is van cruciaal belang voor ons.

Om helemaal andere en tegenstrijdige redenen is die tijd ook vitaal voor de kapitalisten. Hoe de tijd gebruikt wordt, bepaalt dus mee hoeveel meerwaarde ze uit onze arbeid kunnen persen. Zonder meerwaarde is er geen winst mogelijk voor de patroons. De winst trachten ze zo hoog mogelijk te maken door de effectieve arbeidstijd uit te breiden, maar ook door het werk intensiever te maken. Wij willen de arbeidstijd verkorten en het werk minder intensief maken. Arbeidsduurvermindering met loonbehoud is dus een centrale eis voor de arbeidersbeweging. Een kortere arbeidsduur werd in het verleden altijd bekomen door strijd. Het is dus mogelijk. Maar wat de patroons onder zware druk (stakingen, betogingen, opstanden) geven met de linkerhand proberen ze altijd met de rechterhand weer af te pakken (hoger werkritme, intensievere arbeid, reorganisatie van de productie). Daarom bevindt de eis en de strijd ervoor zich op het kruispunt waar fundamenteel tegengestelde belangen met elkaar botsen.

Tijdschrift Vonk

Vonk 292

Onze boeken

Onze boeken