De staking van maandag 31 maart is een nieuwe etappe in de sociale woede tegen de Arizona regering. Na de mega-betoging van 13 februari, die soms op een onstuimige stroom leek, krijgt de regering te maken met een serieuze werkstaking. De meest massale in tien jaar. Het bijzondere aan de stakingsdag is dat ze algemeen is. Alle segmenten van de arbeidersklasse hebben samen op éénzelfde ogenblik het werk neergelegd. De economie lag in grote mate stil of draaide op een laag pitje. Het toont de macht van de werkende klasse in de praktijk. Zoals een oude stakingsaffiche het verwoordt: “Heel het raderwerk staat stil als uw machtige arm het wil”. Zowel in Vlaanderen, Brussel als Wallonië. In de privé en in de openbare diensten. Alle sectoren: metaal, transport, scheikunde, petrochemie en farma, havens, sluizen, bouw, logistiek, supermarkten, cultuur enz. Bedienden en arbeiders. Mannen en vrouwen. Werkers van alle nationaliteiten samen aan de honderden stakingspiketten verspreid over het hele land. Industrieterreinen werden afgezet net zoals belangrijke invalswegen naar de Antwerpse haven. In een algemene staking voelt de werkende klasse haar kracht. Die ligt in de eenheid en in het overstijgen van specifieke belangen. Die dag beseffen de stakers wie de maatschappij doet draaien. Wij en niet zij. De werkers en niet de patroons en de aandeelhouders. De patronale organisaties komen weer op de proppen met berekeningen: een half miljard euro kost deze staking de economie. Dit is inderdaad wat de arbeid van honderdduizenden werkers opbrengt op een dag… Zonder ons wordt er geen waarde geschapen. Zonder hen (de bazen) kan de economie verder draaien, maar niet zonder ons.

 

Studenten zij aan zij met de stakers

 

Op verschillende plaatsen was de actieve steun van studenten zichtbaar. Niet alleen aan de piketten van stakende werkers maar ook op hun eigen campus. Opvallend was het massapiket aan de Franstalige universiteit ULB in Brussel, waar een 200 personeelsleden en studenten een geanimeerd piket hebben bemand. Op andere uniefs stonden ook studenten zij aan zij met het stakende personeel. Kleine, maar opvallende groepen scholieren waren ook van de partij in de verschillende steden.

 

Ook het vrouwencollectief 8 maart stond zij aan zijn met de stakers. Het collectief nam het initiatief in Brussel voor een ‘Grevibus’, een stakingsbus die de hele voormiddag langs verschillende piketten reed en met als eindhalte de Nieuwstraat, de grootste winkelstraat van het land, waar de bediendenvakbonden intens actie voerden. Winkels stellen vooral vrouwen te werk die extra hard gaan aangepakt worden door de afschaffing van het verbod op zondagwerk en nachtwerk.

 

In verschillende Franstalige steden, nam Commune Colère (Gemeenschappelijke Woede), een samenwerkingsverbond van strijdbare syndicalisten en jonge activisten ook het initiatief voor steun acties aan de stakers.

 

Niet stoppen maar verder strijden

 

Aan de piketten klonk het unaniem: “wij willen niet langer werken voor minder geld, wij willen niet altijd opdraaien voor de factuur”. Op de vraag “hoe verder”, dacht niemand aan stoppen. De aankondiging van een nieuwe stakingsdag op 29 april is daarom welkom. Maar tegelijkertijd voelt dit toch aan alsof er niet echt een stakingsplan is om te winnen. De concrete invulling van de actiedag van 29 april is nog zeer vaag. De datum valt ook net binnen de Franstalige Paasvakantie.

Dit is een handicap in de mobilisatie. Wordt het een nieuwe algemene 24-uren staking of een lauwe actiedag? En er is duidelijk geen plan om in crescendo de druk op de regering en het patronaat op te drijven. Nationale stakingsdagen om de maand scheppen die dynamiek niet. Integendeel: na een succesvolle mobilisatie wordt de sociale spanning weer opgeheven om dan een paar weken later weer te beginnen. De reden hiervoor is dat de vakbondsleiding inzet op onderhandelingen met de regering om het een en het ander uit de wacht te slepen: een aanpassing ginds, een kleine toegeving hier. De vakbondsleiding zit gevangen in het idee dat er “evenwichtige” maatregelen moeten en kunnen komen. Voor ons moet de regering vallen. Dat was ook hoorbaar aan de piketten. Niet iedereen denkt dat. Er is steeds weer de hoop tegen beter weten in dat de scherpe kanten van een aantal maatregelen kunnen weg gevijld worden door een combinatie van beperkte mobilisatie en slimme onderhandelaarspraatjes. Maar dit zal niet lukken. Het patronaat en de regering probeert ons dat rad voor de ogen de draaien. Het is een valstrik. Aan de top van de vakbond – en dat sijpelt ook door tot bij delegees – heerst er defaitisme. Toegegeven, niet iedereen aan de top denkt zo, maar het is wijdverspreid. Dit weegt negatief door in de voorbereiding van de acties. Een ommekeer is hier nodig. We kunnen winnen. We moeten winnen. De enige taal die Arizona begrijpt is die van de frontale klassenstrijd. Daar moeten we op inzetten.

Tijdschrift Vonk

Layout Vonk 328 page 001layout Vonk 327 1 page 001

Activiteiten

Onze boeken

Onze boeken