HomeActualiteitSamenlevingHet Wereldkampioenschap Kapitalisme

Het Wereldkampioenschap Kapitalisme

“The World Cup will have to be, and will be, a symbol of unity, of peace, of solidarity, of bringing everyone together in a peaceful, in a joyful atmosphere.”

Dat verkondigde de FIFA-voorzitter Gianni Infantino op het jaarlijkse UEFA-congres in februari; een typisch onschuldig stukje zakenspraak over de verenigende kracht van het voetbal. Zoals wel vaker het geval is met dit soort zakelijke woordenspelletjes, is de realiteit echter compleet anders. Waar voetbal ooit gebouwd is door en voor de werkende klasse, is het ondertussen een speelbal van de ultrarijken en een lucratief verdienmodel geworden. Het huidige WK in de VS, Canada en Mexico is hier een uitstekend voorbeeld van.

Het is geen geheim dat het moderne voetbal in een uiterst winstgevende industrie is veranderd: profvoetballers, zaakwaarnemers en directieleden verdienen exorbitante salarissen, miljardairs en staatsbedrijven kopen hele voetbalclubs op, sponsoren en mediabedrijven zien voetbal uitsluitend als een verdienmodel. De FIFA, als “non-profit”-organisator van het wereldwijde voetbal, profiteert hier uiteraard met alle plezier van mee. Dit alles heeft ertoe geleid dat het WK van deze zomer praktisch onbetaalbaar is geworden voor de gemiddelde fan die zijn nationale elftal wil zien spelen.

Momenteel is de laagste prijs van een ticket voor de Rode Duivels ongeveer €325; dat is voor een groepswedstrijd tegen laagvlieger Nieuw-Zeeland. Daar komen nog de kosten voor vluchten, hotels, eten en lokaal transport bovenop. Wanneer men alle groepswedstrijden wil zien, dient er ook rekening gehouden te worden met het feit dat elke wedstrijd in een andere stad gespeeld wordt. Er moet dus ook gevlogen worden tussen Vancouver, Los Angeles en Seattle. Het hele toernooi bijwonen is voor de werkende mens al helemaal onbetaalbaar. Als we optimistisch zijn en stellen dat België de finale haalt, zou de fan voor de goedkoopste finale tickets op het moment zo’n €5500 kwijt zijn. Wie een beetje vooraan wil zitten, mag zo’n €26.000 neertellen. De prijzen zijn zelfs Donald Trump te gortig: “I wouldn’t pay it either, to be honest”, zei hij over de ticketprijzen van ruim $1100 voor de openingswedstrijd van de Amerikaanse nationale ploeg. Ook de burgerlijke instanties hebben ondertussen een onderzoek ingelast naar FIFA’s nieuwe “dynamische” prijsraming.

Er zijn nog meer redenen dat Infantino’s woorden over “iedereen samenbrengen” ongelooflijk hypocriet zijn. In december 2025 mocht Donald Trump, volgens Infantino iemand wiens extraordinaire acties vrede en eenheid in de wereld hebben gebracht, de gloednieuwe Fifa Peace Prize in ontvangst nemen. Ondertussen heeft Infantino’s boezemvriend door middel van het leger deportaties uit laten voeren en heeft hij de vijandigheden jegens Venezuela, Iran en Cuba geëscaleerd, maar dit terzijde. De hypocrisie stamt vooral uit het feit dat de FIFA het WK organiseert in een land waar fans uit veel deelnemende landen simpelweg niet binnen kunnen komen. Zelfs al zou de gemiddelde arbeider in een land als Senegal, Irak of Oezbekistan de ticketprijzen kunnen betalen, dan nog zou het haast onmogelijk zijn om een visum te verkrijgen. De Amerikaanse overheid hanteert sinds de tweede termijn van Trump strengere visumeisen en voor een wereldkampioenschap voetbal wordt geen uitzondering gemaakt. Dit terwijl de FIFA het WK steevast afschildert als een evenement dat mensen van over de hele wereld verbindt.Voetbalfans uit Haiti, Senegal, Ivoorkust en Iran staan op een zwarte lijst, waardoor het overgrote merendeel van de visumaanvragen op voorhand wordt afgekeurd. Ook fans uit veel andere landen, voornamelijk uit het globale zuiden, zien dat het meerendeel van de visumaanvragen wordt geweigerd. Zelfs wie al een ticket heeft bemachtigd, is niet perse veilig. Volgens de Iraanse voetbalbond zijn alle WK-tickets voor Iraanse fans onlangs ingetrokken en zijn ze niet meer welkom.

Dit laat eveneens zien dat de FIFA een politieke organisatie is, wiens belangen diep verstrengeld zijn met die van het westerse kapitalisme. Sinds 2022 wordt Rusland geweigerd uit alle internationale competities. Een land als Israel, een belangrijk tandwiel in de westers-imperialistische machine, mag dan wel weer meedoen. Dat het moderne voetbal, naast een kapitalistisch fenomeen, ook een politiek fenomeen is, valt enkel te verklaren door de monetaire belangen die in het spel zijn. Landen die het WK organiseren, bouwen met het belastingsgeld en de arbeid van de werkende klasse, veel infrastructuur die na afloop staat te verpieteren. Waar de kosten maatschappelijk zijn, zijn de winsten voor de kapitalisten en hun handlangers. Grote multinationals, topvoetballers, zaakwaarnemers en bureaucraten van de FIFA steken de winsten in eigen zak. De werkende supporter wordt uitgeknepen en als een lege citroenschil aan de kant gesmeten wanner zij de ticketprijzen niet meer kunnen betalen. Het voetbal is een sport door de elite, voor de elite geworden.

De enige oplossing voor dit fenomeen is onze sport onder onze democratische controle te plaatsen. Het leiderschap van voetbalclubs en voetbalbonden dient door het volk verkozen te worden. Profvoetballers mogen een gemiddeld arbeiderssalaris verdienen, de sport moet gedecommercialiseerd worden en wedstrijden dienen vrij toegankelijk te zijn voor elke supporter.

Auteur