De mobilisatie van 4 juni voor het Parlement van de Federatie Wallonië-Brussel en in andere steden van Wallonië heeft de omvang van de afwijzing van de maatregelen-Glatigny blootgelegd. De regering heeft de agenda versneld, geweigerd naar de mensen op het terrein te luisteren en geprobeerd haar hervorming zonder raadpleging van de sector door te drukken.
Al een uur vóór het begin van de bijeenkomst had de politie de hele omgeving van het Parlement afgesloten. Daarmee hanteerde ze een preventieve strategie die de grenzen van de burgerlijke democratie illustreert: protest wordt getolereerd zolang het steriel blijft, maar geneutraliseerd van zodra impactvol wordt.
De oproep kwam van onderwijscollectieven zoals Mars Attacks en École en Colère, wat opnieuw de onmacht van de grote vakbondsorganisaties belicht om de strijd te leiden. Desondanks slaagden de leerkrachten erin duizenden leerlingen op de been te brengen, die beseffen dat de toekomst van hun leerkrachten verbonden is met die van henzelf en dat iedereen getroffen wordt door de maatregelen-Glatigny. Om 14 uur was de sfeer gespannen: woede, spanning, vastberadenheid en een versneld politiek leerproces voor jongeren die van dichtbij kennismaakten met politiepraktijken, institutionele minachting en de grenzen van het bestaande democratische kader.
De menigte bestond voornamelijk uit leerlingen uit het secundair onderwijs, vergezeld door talrijke leerkrachten. Enkele vakbondsvertegenwoordigers waren aanwezig, maar zonder duidelijke oriëntatie. De RCO deelde er een pamflet uit dat opriep om de strijd op te voeren, niet te geloven in een spontane terugtrekking van de regering, een hernieuwbare algemene staking voor te bereiden en druk uit te oefenen op de vakbonden om de strijd uit te breiden naar andere sectoren. De gesprekken rond dit pamflet verliepen grotendeels zeer positief, wat opnieuw aantoont dat arbeiders en jongeren bereid zijn om ernstig de strijd aan te gaan tegen dit aftakelende systeem.

Fragment uit een reel van Bruxelles Dévie, hier te bekijken: Instagram
Zoals gewoonlijk legden de burgerlijke media de nadruk op enkele beperkte beschadigingen, terwijl ze het politiegeweld reduceerden tot “stevige tussenkomsten”. In werkelijkheid trad de politi hard op tegen de jongeren en leerkrachten: pepperspray, traangasgranaten, willekeurige arrestaties, waterkanonnen en ongemuilkorfde honden werden ingezet tegen tieners, van wie velen nog geen vijftien jaar oud waren. Deze jongeren begrepen voor het eerst dat de politie geen neutrale scheidsrechter is, maar een instrument dat belast is met de bescherming van de machthebbers en hun kapitalistische project.

Fragment uit een artikel in de burgerlijke pers
Een perspectief voor de strijd is op dit moment cruciaal. Het pamflet van de RCI benadrukte de noodzaak om de staking en de acties voort te zetten, maar ook om de beweging onmiddellijk uit te breiden naar andere sectoren van de openbare diensten. Ouders moeten gemobiliseerd worden als werknemers, en een gemeenschappelijk front met de Vlaamse leerkrachten is onmisbaar, want ook daar is de woede even groot. De leerkrachten zullen niet alleen winnen, en alleen een interprofessionele 24-urenstaking, idealiter hernieuwbaar, kan de regering doen terugkrabbelen — of meer.
De “krijtrevolutie” zal alleen kunnen zegevieren als ze zichzelf een bredere horizon geeft: die van de sociale revolutie. Een overwinning van de leerkrachten op de regering zal het vertrouwen van het hele werkende klasse versterken en aantonen dat besparingen geen noodlot zijn. Deze regering van sociale afbrekers begrijpt slechts de taal van stakingen en mobilisaties. Om haar te stoppen, zal men haar ten val moeten brengen en de weg moeten openen naar een regering van arbeiders en werkneemsters, die in staat is te handelen in het belang van onze klasse.
