Theorie

“We moeten dit brein twintig jaar lang verhinderen om te functioneren”

Met deze woorden werd de Italiaanse revolutionair en marxist Antonio Gramsci de gevangenis ingegooid. Gramsci was de stichter van de Italiaanse Communistische partij en een prominente figuur van de Italiaanse revolutie in 1920 en 1921. Het fascistische regime van Benito Mussolini veroordeelde hem in 1926 tot twintig jaar opsluiting. In de gevangenis bleef hij echter wel intellectueel actief en probeerde hij het marxisme verder te ontwikkelen. De ideeën die hij toen neerpende zijn later vooral populair geworden in academische kringen en bij reformistische stromingen. Ze werden echter ontdaan van hun revolutionaire inhoud. Zijn theorieën werden ontkoppeld van zijn revolutionaire praktijk. Zo werd hij als het ware politiek gesteriliseerd. We gaan hier in op het leven, de strijd en de ideeën van deze Italiaanse marxist, die we zonder probleem naast mensen zoals Lenin, Trotski en Rosa Luxemburg kunnen plaatsen. 

Het leven en het werk van Victor Kibalchich (de latere Victor Serge) zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. In al zijn romans en verhalen brengt hij verslag uit over de politieke bewegingen waarin hij actief was en de historische gebeurtenissen waar hij deel van uit maakte. Zijn literair talent is zo groot en zijn pen zo scherp en accuraat dat we de Europese geschiedenis van het eerste deel van de 20e eeuw van op de eerste rij kunnen meemaken.

Deze Nederlandstalige versie van Henri Houben’s  “La crise de trente ans. La fin du capitalisme?” wordt door EPO uitgegeven met aanvullend cijfermateriaal, dat duidelijk up-to-date is gebracht vergeleken met de Franstalige versie. Wie de vele aspecten wil leren kennen van de huidige crisis, die Houben terecht laat aanvangen in 1973, is bij dit boek aan het juiste adres.

Mohenjo-daro is een vijfduizend jaar oude beschaving. De ruïnes van deze cultuur werden ‘ontdekt’ door de Britse archeoloog Sir John Herbert Marshal in 1921 in de huidige provincie Sindh (zie kaart). Zijn team van onderzoekers werkte met passie en toewijding aan het opgraven van een buitengewone civilisatie. Deze maatschappij in de Indus vallei was modern en voorop op haar tijd. Zelfs voorop op de huidige Pakistaanse maatschappij. Zeker op het vlak van de sociale organisatie. Uit de zorgvuldige opgravingen en de interpretaties van de archeologen ontdekken we een verregaande egalitaire maatschappij. Lal Khan is een bekende columnist in Pakistan, uitgever van het Asian Marxist Review en leider van de sectie van de IMT in dit land. In een kort onderhoud licht hij de draagwijdte van deze archeologische site toe.

Deze vraag stelt Werner Bräunig zich in de voorlaatste alinea van zijn roman Rummelplatz (Kermis). Hijzelf mag er alvast gerust in zijn, zijn doortocht verliep niet onopgemerkt. Zijn opus magnum dat in 2007 verscheen in Duitsland verwekte er een kleine sensatie. Het werd geroemd als “één van de meest opvallende romans uit de Duitse naoorlogse literatuur en de Frankfurter Allgemeine plaatste hem op dezelfde hoogte als Thomas Mann, Heinrich Böll en Günter Grass. Josephine Rijnaarts zorgde voor een schitterende vertaling van de 586 paginas en schreef ook een verhelderend nawoord. 

De crisis had in België hard toegeslagen. In 1974, maar vooral in 1980-81 schreeuwde het patronaat steeds harder dat de werkende bevolking moest inleveren. Politieke instabiliteit was het gevolg. De ene regering na de andere kwam ten val. Tussen 3 april 1979 en 17 december kwamen niet minder dan 5 regeringen vroegtijdig aan hun einde.  In alle omringende landen was het al inleveren troef.  De vakbonden hadden dat bij ons in de jaren 70 nog grotendeels kunnen tegenhouden, vanaf 1981 was het echter prijs. Voor het eerst sedert lang trad een homogeen rechtse regering aan.  

Kevin, 22 jaar, volgt de lerarenopleiding richting Nederlands geschiedenis en is in 2011 bij Vonk/Revolution aangesloten. Zijn grootste passie is de geëngageerde fotografie. Je kan hem steeds tegenkomen tijdens een betoging, bij een burgerinitiatief of in een meeting, waar hij gewapend met zijn onafscheidelijke camera op jacht is naar dé ultieme foto.

De film Pride katapulteert ons terug naar de zomer van 1984. Engeland is in de ban van de grote mijnwerkersstaking. Thatcher zet alles op alles om de staking te breken en blokkeert de banktegoeden van de mijnwerkersvakbond. De stakende mijnwerkersfamilies leefden in grote armoede en waren aangewezen op schenkingen, voedselpakketten en geldinzamelingen om het vol te houden. Soms kwam de hulp uit wel heel onverwachte hoek. Een groep homo's en lesbiennes richtten in Londen de actiegroep LGSM (Lesbians and Gays Support the Miners) op. Het inzamelen van geld voor de stakende mijnwerkers was voor hen ook een statement naar de overheid en Thatcher toe. Het zijn niet enkel de holebi's die toen geviseerd werden door de politie en voor het minste werden opgepakt, ook andere groepen zoals de mijnwerkers kwamen in het verdomhoekje terecht!